Gardiner geeft Beethoven maximale bravoure

Concert London Symphony Orchestra o.l.v. John Eliot Gardiner m.m.v. Maria Joao Pires (piano). Gehoord: 6/2 Concertgebouw.

Twee seizoenen geleden realiseerde het London Symphony Orchestra onder Bernard Haitink een succesvolle cyclus van alle symfonieën van Beethoven, en bracht die ook uit op het eigen cd-label. Opmerkelijk is het daarom dat het orkest met Sir John Eliot Gardiner nu alweer een nieuwe, over drie seizoenen uitgesmeerde Beethoven-cyclus is begonnen en dat dezelfde muziek totaal anders klinkt.

Nieuw is het allang niet meer; dirigenten met wortels in de historische uitvoeringspraktijk die furore maken bij moderne orkesten. Ook Gardiner – berucht om zijn weerbarstige perfectionisme, geliefd om zijn kennis – zag in zijn eigen, op oude instrumenten spelende Orchestre Révolutionnaire et Romantique nooit aanleiding ‘gewone’ orkesten af te houden. Gelukkig, want het Beethoven-pionierswerk dat Gardiner verrichtte, komt het London Symphony Orchestra nu ten goede.

Beethoven onder Gardiner klinkt ook bij het LSO maximaal revolutionair. In het Amsterdamse Concertgebouw was de Derde symfonie voortdurend enerverend door de verrassende benadering van vertrouwde wendingen. Dat moet van de musici een forse aanpassing hebben gevergd, maar na zes concerten met hetzelfde programma in tien dagen, viel op hoe de strijkers in de snelle Finale snorden als een geolied motortje, hoe gedetailleerd orkeststemmen oplichtten en hoe kleine vondsten – het spel tussen bassen en trompet in het tweede deel – de aandacht trokken.

De doorwrochtheid van Gardiner harmonieerde in Beethovens Vierde pianoconcert met soliste Maria Joao Pires. Zij werd tamelijk strak gehouden, maar leek zich door Gardiners strenge stormachtigheid eerder aangevuurd dan aangevoerd te voelen. Gardiner zorgde er met versnellingen, vertragingen en sforzandi voor dat Beethoven zich roerde met maximale bravoure – soms wat uitgesproken in passages waar het orkest begeleidt. Maar het tweegesprek tussen solist en orkest in het middendeel was contrastrijk en het Rondo was kamermuzikaal intiem – zoals ook de toegift; een poëtisch gespeeld Largo uit Bachs Klavierconcert nr. 5 in f. Het LSO, Pires en Gardiner zetten hun samenwerking in Beethoven nog twee seizoenen voort; hopelijk verschijnt ook daarvan iets op cd.