Autorijder volgen, maar niet weten waar hij is

De kilometerheffing brengt zorgen over de privacy van autorijders met zich mee. Volgens technici is het mogelijk een systeem te maken waarbij de overheid niet weet waar de rijder is.

Over één ding zijn ambtenaren en bedrijfsleven het al langer eens: als er een kilometerheffing komt, is een systeem op basis van satellietnavigatie het handigst. Stel dat in iedere auto een kastje met een gps-ontvanger komt, dan kan op basis van die gegevens heel makkelijk bepaald worden hoeveel iemand moet betalen voor zijn gereden kilometers. Maar dat brengt wel zorgen over privacy met zich mee. Worden straks de gangen van iedere automobilist opgeslagen in een centrale database?

Minister Eurlings (Verkeer, CDA) opteert voor een satellietsysteem. En omdat hij de privacy van automobilisten zegt te willen beschermen, is dat voor technici een extra reden om een systeem te bedenken dat de privacy ook technisch garandeert, zegt Stefan Eisses. „Je moet voorkomen dat je een soort voertuigvolgsysteem maakt, want dat gaat het politiek niet redden.” Eisses is specialist elektronische tolsystemen van RappTrans, een bedrijf dat onder andere de Nederlandse overheid adviseert. „Je kunt gebruik maken van satellietnavigatie en het toch onmogelijk maken om te zien waar iemand heeft gereden.”

Met dat principe zijn al enkele bedrijven aan de slag gegaan. Zo heeft het Nederlandse bedrijf T-Systems een systeem voor ogen waarbij gebruik wordt gemaakt van een kastje in de auto, dat desgewenst zelf uitrekent welk bedrag een automobilist moet betalen. „Als je alleen dat bedrag doorstuurt naar een rekencentrum, blijft de afgelegde route onbekend”, zegt directeur Jan Wisse van T-Systems.

ICT-bedrijf LogicaCMG heeft een oplossing voor ogen waarbij de bestuurder zelf kan kiezen voor privacybescherming of niet. „De on board unit (OBU, het kastje in de auto, red.) wordt geactiveerd door een chipkaart”, legt specialist Anne Tip van LogicaCMG uit. „Wie een anonieme, prepaid kaart gebruikt, stuurt eenmalig een signaal naar het rekencentrum. Daar weet men dan dat de kilometerprijs van het prepaidtegoed wordt afgeschreven. Daarna rij je dus anoniem: alles wordt in de OBU uitgerekend en betaald.”

Wie minder aan zijn privacy hecht, of een baas heeft die graag weet waar je uithangt, kan de OBU met een gepersonaliseerde kaart activeren. „Daardoor worden de gps-gegevens tijdens het rijden wél naar het rekencentrum gestuurd en kun je aan het eind van de maand precies zien waar of hoeveel je gereden hebt en hoeveel dat kost. Dat kan handig zijn voor bijvoorbeeld de belastingaangifte”, zegt Tip. En wat gebeurt er als je prepaidtegoed midden op de snelweg opraakt? „Dan kun je ervoor kiezen om alsnog gepersonaliseerd verder te rijden.”

Dat roept bij Eisses van RappTrans nog wel vragen op. „Als iemand zijn kaart bijvoorbeeld vergeet of als het tegoed op is, wil hij ook gewoon rijden. Dan moet je je privacy niet automatisch hoeven opgeven. De vraag is ook, waar laad je die prepaidkaarten op? Dat brengt weer logistieke vragen met zich mee.”

Leo van der Wees, onderzoeker recht en technologie aan de universiteit van Tilburg, lijkt een prepaidoplossing te veel gedoe voor bestuurders. „Ik zie wel wat in het complexe kastje waarin alles uitgerekend wordt. Volgens mij kun je daar zelfs, zonder je privacy op te geven, nog allerlei extra diensten aan koppelen.”

Zo is TNO bijvoorbeeld bezig om rekeningrijden in te zetten als bron voor hoogwaardige verkeersinformatie. „Als iedereen zo’n kastje in zijn auto heeft, kun je goed zien waar de files staan”, zegt André Oldenburger, specialist Intelligente transportsystemen van TNO. „Je moet van de nood een deugd maken.”