Principes van yin en yang bepalen de teelt

China herontdekt op grote schaal de biologische landbouw.

De binnenlandse vraag groeit gestaag, maar de export komt nog niet op gang.

Op de Ecologische Boerderij Peking worden zestig soorten groente en fruit verbouwd. Foto Michiel de Ruiter Michiel de Ruiter Zaanenstraat 123 zwart 2022 CN Haarlem Netherlands info@michielderuiter.nl +31 (0)6 286 50 608 Ruiter, Michiel de

Ver weg van alle stank en uitlaatgassen, op een half uur rijden van Peking, ligt de Ecologische Boerderij Peking. Hier, nabij de Chinese muur, worden op 200 hectare grond zestig verschillende soorten groenten en kruiden verbouwd onder bolvormige zeilen.

In een stal staan een paar koeien en geiten, niet voor de melk maar voor de bemesting van het land. Op een belendend terrein ligt een enorme hoop organisch afval zoals uitwerpselen, groenten, fruitschillen en eierschalen. „De bedoeling bij biologische landbouw is dat alles weer terug wordt gegeven aan de aarde”, zegt boer en landbouwdeskundige Guo Yinming.

De Ecologische Boerderij Peking is, net als de andere biologische boerderijen, een uitzondering in China. De boerderij is wars van het gebruik van pesticiden, die juist in de Chinese agrarische sector overvloedig worden gebruikt. Ook zoeken ze humusrijke, schone landbouwgrond uit om hun producten op te verbouwen. „De Chinese landbouw heeft een slecht imago. Wij laten zien dat het ook anders kan”, aldus Guo.

De Ecologische Boerderij Peking werd in 2000 opgezet door Chen Conghong die zich eerder voor de Chinese overheid met groene projecten bezighield. Zij was lange tijd werkzaam op het ministerie van Landbouw en zag hoe slecht het was gesteld met de kwaliteit van de landbouw. Partijbonzen wisten dat ook en daarom lieten zij onder de naam Chinees Groen Voedselproject speciaal voor hoge ambtenaren en partijleden groene producten verbouwen.

Maar toen Chen wilde overstappen op biologische producten volgens de normen van de Internationale Federatie van Ecologische Landbouwbewegingen (IFOAM), stemde de overheid daar niet mee in. Hoewel die onbetaalbaar zijn voor de gewone Chinese burger, wilde Chen toch op persoonlijke titel internationaal gekwalificeerde biologisch verbouwde producten in de schappen brengen.

Hoewel niet allemaal aangesloten bij IFOAM zijn er nu enkele tientallen biologische landbouwcoöperaties actief, waarvan de Ecologische Boerderij Peking de grootste is. Alleen al in Peking wordt door de Ecologische Boerderij Peking 4.000 ton biologische groenten per jaar verbouwd.

In een loods staan twintig in groene werkuniformen geklede medewerkers groenten in te pakken. Langs de wand staan gelabelde trailers met bestemmingen erop: Canadese ambassade, Carrefour. „Wij leveren aan alle grote winkelketens in China, zoals Wal-Mart en Carrefour. Er zijn in China maar tien speciaalzaken”, zegt manager Li, terwijl hij instructies uitdeelt.

Bij deze supermarktketens kopen vooral Chinezen afkomstig uit de middenklasse, naast de expats en ambassades. „In China zijn het dezelfde soort mensen die bewuster eten als in het westen. Vooral hogeropgeleide rijke Chinezen die hun enige kind graag in alle opzichten kwaliteit willen bieden”, zegt Li.

Omdat de markt in China snel groeit, concentreert de Ecologische Boerderij Peking zich op de binnenlandse markt, maar in 2004 besloot men ook voor de export te gaan produceren. Een jaar later werd de Duitser Klaus Griesbach aangetrokken als marketingmanager voor de buitenlandse markt.

In de jaren zeventig van de vorige eeuw was hij verantwoordelijk voor de introductie van biologische winkelketens in Duitsland. Maar omdat de bakermat van de biologische landbouw in China ligt, vertrok hij medio jaren negentig naar de noordelijk gelegen stad Dalian om zijn kennis over te dragen.

„Chinezen denken dat biologische landbouw een westers concept is. Niets is minder waar. Het is gebaseerd op eeuwenoude Chinese kennis. Alles gebruiken en wat je niet opeet weer teruggeven aan de natuur. Het yin- en yangprincipe ligt aan de basis”, zegt Griesbach. „In China zijn geen regels voor het gebruik van pesticiden. Mensen worden ziek en weten niet waar dat door komt. In het Westen kennen we inmiddels de gevaren, maar China verkeert nog in een andere fase. Vijftig jaar geleden was dat besef er in het Westen ook nog niet”.

Toch wordt het ecologisch verbouwen snel en op grote schaal herontdekt. Niet alleen door kleine boeren die uit zuinigheid ecologisch telen, maar ook door een groeiend aantal bedrijven. Jaarlijks wordt er in het land voor 7 miljard euro aan ecologische producten verkocht. De export van biologische producten is nagenoeg nihil.

Ook voor de Olympische Spelen zullen veel biologisch geteelde groenten en fruit worden geleverd, verwacht Griesbach. „China wil met het concept ‘Groene Spelen’ zijn imago verbeteren. Stel je voor dat er in het lichaam van sporters te hoge concentraties pesticiden worden gevonden of stoffen die zich in het lichaam kunnen omzetten in doping, dat zou natuurlijk een grote schande zijn.”

Griesbach wijst ook op het feit dat speciale staatsboerderijen aan de periferie van Peking ecologisch voedsel verbouwen voor partijbonzen. „Schrijnend om te zien dat het hoge partijkader, verantwoordelijk voor de kwaliteit van voedsel, zich dat kan permitteren en dat het voor de gewone man volstrekt onbetaalbare luxe is.”

Toch groeit het aantal biologische boerderijen gestaag. Vooral in de noordelijke provincies Heilonjiang en Jilin, samen zo groot als Zwitserland, wordt op grote schaal biologisch geteeld. De overheid steunt deze vorm van landbouw hoewel sommige deskundigen bezorgd zijn om de ecologische schade. De biologische landbouw gaat in sommige streken, zoals Heilongjiang, gepaard met grootschalige boskap, onder druk van investeerders die snel geld willen verdienen.

Griesbach wil graag biologische producten uit China gaan exporteren, maar omdat veel Chinese verstrekkers van certificaten voor de kwaliteit van landbouwproducten corrupt zijn, is de EU volgens Griesbach nog sceptisch over de kwaliteit van Chinese biologische producten. Alle producten moeten daarom nu opnieuw worden gecertificeerd zodra ze Europa binnenkomen.