Opzienbarende scènes

In zijn laatste, door weinigen bijgewoonde State of the Union verklaarde George Bush dat hij maar een miniem deeltje van de dertigduizend manschappen die hij vorig jaar over een muur van protest Irak binnentrapte, zal terugtrekken. Die extra’s hebben namelijk resultaten opgeleverd die niemand zich een jaar geleden had kunnen voorstellen, aldus de man. Men kan er inderdaad weinig tegen inbrengen dat de fantasie sindsdien in verhevigde mate op de proef werd gesteld en minder controleerbaar doch versterkt uit de strijd is gekomen.

In een recent onderzoek wordt becijferd in welke mate het voorstellingsvermogen van Bush en de zijnen in de twee jaar die op de eerste inval in Irak volgden, tot actie overging en 935 publieke valse verklaringen voortbracht. Een groot deel daarvan had natuurlijk betrekking op verzonnen massavernietigingswapens.

Naarmate het decor meer op het rechter zijpaneel van Jeroen Bosch’ Tuin der Lusten begint te lijken, worden inwoners door groeiende waanzin opgeslokt. Vijfendertig procent van de Irakezen kampt intussen met psychische problemen, vrouwen wat meer dan mannen. Terwijl angstaanvallen, depressies en verborgen alcoholisme vanzelfsprekend hoogtij vieren, zou je denken dat het waanbeelden steeds meer moeite kost de realiteit te overtreffen. Amerikaanse Irak-veteranen, of de lichaamsdelen die daarvan overblijven, grijpen op het thuisfront steeds vaker naar de wapens. Sommigen gaan ermee slapen, velen bedreigen hun gezinsleden ermee, een groeiend aantal stopt samenvattend een loop in eigen mond. Hoewel de fantasie hen daarbij een handje kan helpen, volstaan herinneringen vaak.

Toch lijkt oorlog niet alleen de ideale achtergrond voor sadisten, ook fantasten bloesemen er rijkelijk. Naast Bush, geven Iraakse terreurorganisaties blijk van een steeds groteskere verbeeldingskracht. Eén geestelijk gehandicapte vrouw naar een huisdierenmarkt sturen, de andere naar een vogelmarkt, hen het volk laten lokken met de kreet ‘Voo-gels! Vogels te koop!’ en hen dan van een afstand met een telefoon tot ontploffing brengen: je moet er maar opkomen. Deze gruwelijke scène lijkt in die mate uit het werk van een controversieel schrijver of regisseur te zijn opgediept, dat je de terroristen in kwestie van artistieke aspiraties zou gaan verdenken. Enige invloed van Walt Disney lijkt ook denkbaar, met al die dieren. In november van vorig jaar ontplofte in Irak al een bom in een kist met vogels. En in Sri Lanka gooiden Tamil Tijgers vorige week, als voorproefje op een aantal andere bloedige aanslagen, een handgranaat in een dierentuin.

Vrouwelijke mongolen hadden we nog niet gehad, kinderen wel. Nog zo’n opzienbarende scène uit Irak, tijdens dat afgelopen jaar waarin werd gerealiseerd wat we ons voordien niet konden voorstellen: een wagen wordt langs een grenspost geloodst. De controle wordt overgeslagen omdat er twee kinderen op de achterbank zitten. Nadat de volwassenen zijn uitgesprongen en weggerend, ontploffen de bommen. Snippers wagen, achterbank en kinderen sneeuwen over het land. Of het om bomgordeltjes ging die op maat waren gemaakt, kon niet meer worden achterhaald. En zo gebeurt er telkens iets dat de verbeelding tart, zo wordt de fantasie telkens tot meer vindingrijkheid gedwongen. Daar moeten wij in de eerste plaats geduld mee hebben, wist president Bush nog mee te delen.