Ambt en celeb

Ze zijn dus getrouwd. Moet je daar nou iets van vinden? Liever niet eigenlijk, want zulke dingen ontaarden al gauw in dat gratuite gebabbel waarmee televisie avond aan avond het publiek een beetje entertaint en zo de drukke werkdag weer doet vergeten.

Maar de levenswandel van politieke leiders heeft tegelijk iets onontkoombaars. Het raakt een samenleving en die kan en wil niet meer wegkijken. Misschien willen burgers wel meer en meer politieke leiders die hen vermaken, die aldus hun eigen levens van emotionele hoogte- en dieptepunten voorzien, die dus niet food for thought maar food for gossip bieden. Types dus die aan de rand van het ravijn de mooiste bloemen zoeken. De vroegere Duitse bondskanselier Gerhard Schöder combineerde het begin van zijn hoogste ambt met het begin van zijn vierde huwelijk. Zijn minister van Buitenlandse Zaken, Joschka Fischer, was niet van het type trouwen, maar aan het begin van bijna elk politiek seizoen verscheen hij met een nieuwe schone aan zijn zij. Deze laatste twee zijn weg en in Berlijn heeft vooralsnog een nieuwe degelijkheid zijn intrede gedaan.

Vast staat dat Carla Bruni en haar man het volk rijkelijk van roddelstof zullen gaan voorzien. Ongeduld, dadendrang en karakters staan daar borg voor.

Er was een tijd dat politici privé zaken privé konden houden en dat ook wensten. John F. Kennedy was een schuinsmarcheerder eerste klas, maar de Kennedy-clan kon in die jaren de John-en-Jacky- idylle voor de buitenwereld nog betrekkelijk moeiteloos overeind houden. Later lukte dat niet meer, vooral in Amerika niet. Dat lag niet alleen aan de media, maar ook aan de politici die meer en meer op campagne gingen met hun vrouw, met hun huwelijkstrouw en met hun morele onberispelijkheid op dat vlak. Wie bij elke gelegenheid daarmee op een podium loopt te koketteren, nodigt de buitenwereld als het ware uit om eens een nadere inspectie te houden. Het kostte menig overigens getalenteerd politicus de kop.

In Europa ging dat anders. Het publiek bleef zich schikken naar het principe dat de handel en wandel van politici in de persoonlijke levenssfeer niet ter zake deed. Honderden, nee, duizenden mensen wisten op een gegeven moment dat Helmut Kohl behalve Hannelore Kohl ook Juliane Weber – zijn secretaresse – aan zijn zijde wist, maar het deed er voor de staatszaken niet toe. Met François Mitterrand was het niet anders. Over en weer aan beide kanten van de oceaan kon dat tot geweldige misverstanden leiden. Zo vond bijna iedereen in Europa dat de escapades van Bil Clinton een privézaak waren en begreep niemand waar ‘die hypocriete Amerikanen’ zich zo over konden opwinden.

Omgekeerd hadden Amerikaanse kiezers groot gelijk dat ze zich zo opwonden. Vanuit hun perspectief, vanuit hun verkiezingscampagnes, was het helemaal geen privézaak: een president had hen belazerd. Zondaar Clinton kon nog maar op het nippertje het vege lijf redden door in de geest en het ritueel van de kleine baptistenkerkjes stad en land af te reizen en voor elke camera het boetekleed aan te trekken.

Maar laten we eens een ander perspectief nemen. Zou een raad van commissarissen van een grote onderneming een voorzitter aantrekken die in zijn privéleven zoveel algemeen bekende en dus algemeen besproken wisselvalligheid en variëteit aan de dag legt? Waarschijnlijk niet. Want het zijn nu eenmaal dingen die verlegenheid creëren, die ongemak scheppen bij bedrijfsfeestjes en in collegiale verhoudingen. Kortom, het zijn dingen die maar gedoe geven en afleiden van de zaak.

Voor politici geldt dat kennelijk niet. Celebritygedrag wordt geaccepteerd, misschien is het bij verkiezingen zelfs een pluspunt. Nicolas Sarkozy bedoelt het misschien niet eens zo. Dat merkwaardige, intrigerende boek van Yasmina Reza over een jaar uit het leven van de presidentskandidaat Sarkozy (L’aube le soir ou la nuit) biedt het beeld van een man die opvattingen heeft, een bijna angstwekkende bezetenheid aan de dag legt om zijn doel te bereiken, en toch nog net iets meer door ambities dan door narcisme wordt geplaagd. Maar wat de bedoelingen ook mogen zijn, hij en meer nog zijn flamboyante echtgenote zullen een celebrityleven tegemoet gaan.

De status van een celebrity is niet die van een held. Celebs zijn als populaire merken: zij vermaken het publiek totdat het publiek het beu is en weer wat anders zoekt. Helden zijn groter dan het leven, hebben celebritystatus niet nodig en maken voor mensen een verschil. Celebs zijn in zekere zin wegwerpproducten en sommigen van hen voelen die leegte instinctief ook wel aan en trekken naar arme landen om met een camera in het kielzog goede dingen voor arme mensen te doen en hun status als het ware op te rekken tot de moraliteit. George Clooney is net goodwill VN ambassadeur geworden. Maar zoiets blijft altijd behelpen, alle goede bedoelingen ten spijt, want als zijn toekomstige films zouden tegenvallen, smelt alles weg.

Een presidentschap bestaat ook bij de gratie van de waardigheid van zo’n ambt. Gezag, bestuurlijke degelijkheid, betrouwbaarheid gedijen ook bij de gratie van dat kleine voetstuk waarop een mens staat die het ambt bekleedt. Sarkozy wil dat ook graag zo houden. Het huwelijk moet, zo zei hij een paar weken geleden, gewoon worden beschouwd als een handeling waar twee volwassen mensen in volle vrijheid voor kunnen kiezen.

De vraag is of het kan: de waardigheid van het ambt en het leven van een ordinaire celebrity.

En als het kan – of het werkt?

Reageren kan via nrc.nl/knapen