Vissenkom wordt niet verboden

Dierenwelzijn staat definitief op de politieke agenda. In de Tweede Kamer deden alle partijen actief mee in het eerste grote debat.

Een voorstel voor een verbod op vissenkommen.

Een plan voor de aanpak van dieronvriendelijke praktijken rondom slachterijen.

Een voorlichtingscampagne voor beroepsvissers over pijn en stress bij vissen.

Eén ding was duidelijk gisteren in de Tweede Kamer: het dierenwelzijn staat op de politieke agenda.

Na het electorale succes van de Partij voor de Dieren (PvdD), die vorig jaar met twee zetels in het parlement kwam, lijken alle partijen het onderwerp extra prioriteit te geven. In de verschillende verkiezingsprogramma’s was het al een groter thema dan voorheen, gisteren in de Kamer bleek dat opnieuw. Tijdens het eerste grote debat over dierenwelzijn roerden alle partijen zich met een sterke eigen inbreng en moties. De hoofdprijs was uiteraard voor de PvdD , die maar liefst 40 extra voorstellen indiende. „Ik ga naar huis! Ik ga echt iets anders doen”, verzuchtte Tweede Kamerlid Boris van der Ham (D66), tijdens het in rap tempo voorgelezen bombardement aan moties, die overigens, zoals CDA-Kamerlid Henk Jan Ormel memoreerde merendeels niet zullen worden aangenomen.

Maar wordt er nu door het kabinet ook daadwerkelijk een beter en intensiever beleid op het gebied van dierenwelzijn gevoerd? De oppositie, met uitzondering van de VVD, vond van niet, daarin op verschillende punten ondersteund door coalitiepartij PvdA.

Zo boekten PvdA, SP, GroenLinks, D66 en de PvdD niet de vooruitgang die ze wensten voor de legpluimveehouderij. Een Kamermeerderheid volgde de minister in haar plan om legpluimvee te gaan houden in de kleinvolière. Maar volgens de vijf partijen is dat niet de gewenste vooruitgang die ze hoopten te boeken. De kleinvolière is een „opgepimpte kooi”. De ChristenUnie, die het voorstel van verantwoordelijk minister Gerda Verburg (CDA) steunde, gaf samen met de PvdA wel aan dat de kleinvolière niet het eindpunt mag zijn.

Uiteindelijk ging een meerderheid van de Kamer op hoofdlijnen akkoord met het beleid van Verburg, tot onvrede van de een aantal oppositiepartijen.

GroenLinks-Kamerlid Van Gent stond „niet te juichen”. Zij vond dat de minister „net een machine leek” die weinig interesse toonde voor de reacties vanuit de Kamer. Haar collega Van der Ham (D66) is niet alleen „zeer ontevreden”, maar vond vooral dat het „een circus werd van tientallen moties” terwijl het debat volgens hem niet ging over datgene waar het over zou moeten gaan: de hervorming van de bio-industrie.

Toch toont Marianne Thieme zich wel tevreden: „Het zag er naar uit dat het een kabbelend debat zou worden. Maar tijdens het debat hebben wij de partijen weten op te jagen”, zegt Thieme. „We zijn zeker stappen verder gekomen en hebben de vinger op de zere plek weten te leggen.”

Veel publicitaire aandacht ging de afgelopen week uit naar het houden van wilde dieren in het circus. Maar een verbod daarop komt er voorlopig niet, hoewel daar eerder nog een Kamermeerderheid voor leek te zijn. Ook de SP, die zich eerder kritisch over de circussen had uitgelaten, koos er uiteindelijk voor om eerst het lopende onderzoek van de minister af te wachten. Het kwam Kamerlid Krista van Velzen op felle kritiek te staan. De SP maakte volgens Thieme „een draai van 180 graden”. En Van Gent (Groen Links): „Bent u nu de SP van de dierenliefde of van de kadaverdiscipline”?

CDA en PVV kwamen met het voorstel alleen circussen die zich schuldig maken aan dierenmishandeling het werken met dieren te verbieden. PVV-Kamerlid Graus, zelfbenoemd ‘dierenombudsman’ in zijn provincie Limburg, had een verrassende bijdrage omdat hij het voor de circussen opnam. Hij vond het een „diepe schande” hoe er over de circussen werd gesprokenen, want zelf had hij „nog nooit dierenmishandeling geconstateerd”.

Aan het einde van het debat ontraadde minister Verburg bijna alle moties van de PvdD. Toch was dat voor fractievoorzitter Marianne Thieme geen teleurstelling. Volgens haar werd het daardoor juist extra duidelijk dat de bewindsvrouw de diervriendelijke plannen van haar partij en alle andere partijen ter zijde schoof. En dat terwijl al die moties, volgens Thieme, vooral waren gebaseerd op „de verkiezingsbeloften van de andere partijen”.