Spel met roofvogels

De tentoonstelling in het Natuurmuseum Nijmegen belicht de voors en tegens van de valkerij.

Wilde vogels moeten wild blijven maar de eeuwenoude traditie biedt ook wel wat voordelen.

Bij de ingang van de tentoonstelling Valk & Hof. De kunst van het jagen met vogels in het Natuurmuseum Nijmegen hangt een weegschaal. De tentoonstellingsruimte biedt een boeiend overzicht van de valkerij door de eeuwen heen.

Deze weegschaal met zijn juridische strekking biedt een openhartige entree tot de expositie. Leg stenen in de ene schaal, dan zal valkerij veroordeeld worden als een onnatuurlijk spel met roofvogels. Bovendien worden ten gunste van de valkerij nog altijd jonge vogels uit het nest gehaald, al is het verboden. Wilde vogels moeten wild blijven, luidt de strekking, en niet door mensenhand getemd en gedresseerd. Dieren zijn geen object van vermaak.

Stenen in de andere schaal doen het evenwicht omslaan naar een gunstiger beeld: valkerij is een eeuwenoude traditie die in ere gehouden moet worden. Goede valkeniers zijn kenners van roofvogels, zoals slechtvalken, haviken en boomvalken. Bovendien zijn valkeniers in staat om gewonde vogels te genezen en terug te geven aan de natuur. De voors en tegens van valkerij dwingt de bezoeker tot nadenken.

In cultuurhistorisch en literair opzicht biedt de valkerij een ongekende rijkdom. Op talloze schilderijen staan valkeniers met hun vogel afgebeeld. In de middeleeuwen stond een valk symbool voor de geliefde vrouw.

In het toneelstuk De getemde feeks van Shakespeare wordt het temmen van de opstandige Catherine gelijk gesteld met het tam maken van een valk.

De belangstelling voor valkerij beleeft de laatste jaren een ongekende bloei, niet alleen in Nederland, ook daarbuiten. Het Natuurmuseum en Museum De Stratemakerstoren, beide in Nijmegen, wijden een dubbelexpositie aan valkerij. De reconstructie van een valkenkamer laat zien hoe de vogels onder de hoede van de mens werden gehouden: met bellen aan de poten, een langveter waarmee de vogel aan zijn zitplaats is bevestigd en met de huif, een leren kap, over de kop.

De koning onder de valken is de slechtvalk, Falco peregrinus. Deze vogel, die sinds kort op hoogbouw in Nederland broedt, is geliefd vanwege de spectaculaire jachtvlucht: met een snelheid van 300 kilometer kan hij zijn prooi slaan. Filmbeelden, gemaakt met de modernste technieken, tonen zijn weergaloze jachtvlucht. In vroeger tijden, en dan heb ik het over een paar duizend jaar terug, sprak de slechtvalk tot de verbeelding: de jagende mens stelde zich voor hoe het zou zijn om zo’n wilde vogel te trainen, tam ofwel zeeg te maken. Dan sloeg de valk prooidieren die anders voor de mens onbereikbaar waren. Let wel: het geweer moest nog uitgevonden worden.

Het houden en temmen van valken was een kostbare aangelegenheid, voorbehouden aan de adel. De geliefde en duurste jachtvogel voor koningen was de witte giervalk, Falco rusticolos. De Nederlandse hogere kringen hadden hun eigen vereniging, The Royal Loo Hawking Club. Tussen 1839 en 1855 joegen Koning Willem III en Koningin Sophie met valken op de Veluwe. Kostbaar biefstuk diende de vorstelijke valken tot voedsel. Terecht is op de tentoonstelling een van de mooiste afbeeldingen van de valkerij te zien, namelijk het blad van de augustusmaand uit het getijdenboek Les très riches heures de Jean, Duc de Berry, geïllustreerd door de gebroeders Limburg uit 1403.

Hierop zien we in essentie de hoofse jachtcultuur die de valkerij is: adellijke lieden, mannen en ook dames, dragen een vogel op de vuist. In de late Middeleeuwen en vroege Renaissance was nauwkeurig vastgesteld welke vogel bij welke klasse behoorde. De slechtvalk was het voorrecht van de hogere edellieden. Voor dames waren sperwer en smelleken, de kleinere jachtvogels, bestemd.

In Nederland was de slechtvalk eeuwenlang een doortrekker. Wetenschappers schoten de vogels voor onderzoek, een treurige gewoonte van destijds. In het Natuurmuseum staat een opgezet exemplaar van een slechtvalk, die op 20 maart 1864 nabij Leiden werd gedood. De leigrijze tekening van de rug, de baardstrepen en de Isabelkleurige borst zijn in die anderhalve eeuw nauwelijks vertekend.

Valk & Hof, Natuurmuseum, Nijmegen, t/m 2 mrt; www.valk-en-hof.nl.