Showcases voor waterbouwsector

Nederland moet groot denken als het om waterbouw gaat, vindt premier Balkenende. Al is het maar om de kennis die daarbij opgedaan wordt later te kunnen verkopen.

Nederland krijgt geen kunstmatig eiland in de vorm van een reusachtige tulp voor de Noordzeekust. Wel moeten, volgens premier Balkenende en het Innovatieplatform waar hij zelf voorzitter van is, spraakmakende waterbouwprojecten worden gerealiseerd die als etalage voor Nederlandse kennis en kunde in het buitenland dienen.

Dat benadrukte de premier gisteren op een congres georganiseerd door de door het kabinet ingestelde denktank, waar Nederlandse wetenschappers, baggeraars, financiers en ingenieurs bijeenkwamen om over de toekomst van de Nederlandse waterbouw te praten.

Door klimaatverandering stijgt de zeespiegel, vervoeren de Nederlandse rivieren meer smeltwater en is er een toename in de vraag naar duurzame energie. De Nederlandse waterbouwsector moet projecten ontwikkelen die hier op inspelen, zo concludeerde het Innovatieplatform gisteren.

Een voorbeeld daarvan is de zogeheten zandmotor, een blok zand dat haaks op de kust staat en door wind en getij wordt afgekalfd. Het zand verspreidt zich dan over het strand en verstevigt de kustlinie.

Maar, aldus Balkenende gisteren, de projecten dienen niet alleen om Nederland bescherming te bieden tegen het water. „Groot denken heeft het ons economisch geen windeieren gelegd. Dat moetenen we in de toekomst doorzetten.”

De projecten zijn belangrijk voor Nederlandse waterbouwbedrijven die in het buitenland opereren, zoals baggeraar Van Oord die eergisteren in Dubai 300 kunstmatige eilanden van het prestigieuze project The World opleverde, om in Nederland een etalage van projecten te hebben om zo nieuwe orders binnen te kunnen halen, meende de premier.

Het is volgens de premier en de aanwezige bedrijven essentieel om de kennis opgedaan bij de geplande projecten te gebruiken om in het buitenland geld te verdienen. „Nederland is sterk op het gebied van watermanagement. We zijn een mondiale speler. Wij willen die kennis benutten om in de toekomst buitenlandse projecten binnen te halen”, stelde de premier.

Djeevan Schiferli van automatiseerder IBM is het met Balkenende eens. Vorige week kondigde het bedrijf aan dat het een onderzoekscentrum voor waterbeheer in Nederland gaat vestigen, met als taak betere modellen te ontwikkelen voor rampenbestrijding en het voorspellen van overstromingen.

„IBM kan overal ter wereld zo’n centrum openen, maar doet dat in Nederland omdat hier de beste kennis zit en de noodzaak bestaat om kustbewaking van wereldklasse te hebben”, stelt Schiferli. „Wij werken hier samen met onder andere de waterschappen om onze modellen te verbeteren en kennis op te doen. Dat levert geen geld op, maar als straks New Orleans of Florida aanklopt, kunnen we het product verkopen.”

Schiferli stelt dat Nederland nu nog te vaak kennis gratis weggeeft. „Ambtenaren adviseren hoe andere laaggelegen gebieden zich beter kunnen wapenen tegen overstroming. Die modellen kunnen we ook best verkopen. Maar dan moet je wel aantonen dat ze ergens werken. Daar zijn de Nederlandse projecten goed voor.”

Frank Verhoeven, directeur Europa van baggeraar Boskalis meent dat de projecten voorgesteld door het Innovatieplatform een publieke en een private kant hebben. „Beveiliging tegen het water is een publieke zaak. De private kant is het het promoten van de Nederlandse waterbouw. Dat gaat goed samen”, aldus Verhoeven. „Deze innoverende projecten zijn voor ons belangrijk omdat we daarmee de concurrentie voor blijven. Ook in China, Singapore en Dubai stellen opdrachtgevers steeds vaker hoge duurzaamheidseisen aan projecten. Als wij die kennis al in huis hebben, is de kans groter dat wij de volgende order winnen.”

Teunis Louters, projectontwikkelaar bij ingenieursbedrijf DHV, verwacht dat de opgedane kennis goed naar het buitenland valt te exporteren, vooral in tijden dat de economie het minder goed doet. „Straks gaan de wat eenvoudigere klussen misschien naar een ander bedrijf, maar juist de moeilijke klussen komen dan onze kant op”, zegt Louters. „Op kwetsbare plekken als New Orleans, California en Florida blijft daar vraag naar bestaan. Bij het gunnen van een opdracht kan de Dutch Experience de doorslag geven.

Lees meer over de plannen op innovatieplatform.nl