Sara van der Heide schildert melancholiek hier en nu

Tentoonstelling The Theatre of Oklahoma presents – schilderijen en tekeningen van Sara van der Heide. T/m 2 maart. De Pont, Wilhelminapark 1, Tilburg. Di t/m zo 11-17u. Inl.: 013-543 8300; www.depont.nl

Vaak wordt haar naam in één adem genoemd met die ene Nederlandse schilder, die in 1987 een hersenbloeding kreeg waardoor zijn carrière abrupt werd afgebroken. Vaak wordt ze vergeleken met de kunstenaar, die zo jong al zo uitmuntend schilderde en die in zijn doeken zulk slim commentaar gaf op het schilderkunstig discours van zijn tijd. Sara van der Heide (1977) wordt door veel mensen die volwassen waren in de jaren zeventig en tachtig over één kam geschoren met hem: de grote René Daniëls, die eind jaren zeventig met zijn mysterieuze, figuratieve doeken een baksteen gooide in de rimpelloze vijver van het fundamenteel schilderen. En bijna altijd verliest kleine Sara het pleit.

Hoe onterecht dat is, blijkt op de eerste museale solo-tentoonstelling van Van der Heide in De Pont in Tilburg. Zeven grote schilderijen en een aantal gouaches laat de kunstenaar zien, allemaal gemaakt in de afgelopen twee jaar, toen ze met een werkbeurs van het Fonds BKVB in New York verbleef en naar haar geboorteland Zuid-Korea reisde. Het zijn wonderlijke, droomachtige schilderijen, bestaande uit talloze lagen, soms in transparante streken op het doek gezet, soms ook in vette, bijna lompe halen in het linnen gedrukt.

Net als bij Daniëls, bestaat bijna elk werk van Van der Heide uit een aantal voorstellingen naast en door elkaar, meestal gevat in een duidelijk geschilderd kader, of het nu een beeldbuis is, een aquarium of gewoon een felkleurige serpentine. Daarbinnen zweven en kleven mensen, gebruiksvoorwerpen, abstracte motieven en voedsel. Vreemd genoeg maakt dat Van der Heide’s werk niet vol – zoals bijvoorbeeld de schilderijen van David Salle of Rob Birza dat wel zijn – maar juist leeg. Ieder werk biedt letterlijk ruimte voor interpretatie, voor verhalen in grote uitgespaarde wolken kleur.

En daarin ligt het verschil met Daniëls. Want de ‘verhalen’ van Van der Heide lijken in niets op die van Daniëls. Van der Heide’s thematiek behelst geen discussie over schilderkunst, is geen ode aan haar muze. Haar thema’s roeren aan het hier en nu, maar zijn nadrukkelijk persoonlijk van opzet. Of ze nu, zoals in 2005, door Amsterdam-West rondloopt en daar Turkse kleedjes over balkons of een gesluierde Madonna van Bos en Lommer schildert. Of ze nu de aanval op Twin Towers terugbrengt tot een geschilderd behangetje in een huiskamer. Of dat ze zich, zoals de laatste twee jaar, verdiept in thema’s als vervreemding, ontworteling en wat het betekent om thuis te komen als je in een land woont dat niet het jouwe is. Het is een thema dat Van der Heide, die als adoptiekind in Nederland is opgegroeid, op het lijf is geschreven.

Daarom zijn de beste schilderijen in De Pont ook zo melancholiek van inslag. In The Tide kijken we naar de bezigheden van twee vissers, geschilderd alsof ze gevangen zijn gezet in een aquarium. In een duizelingwekkend tropisch blauw scheppen die vissers bij laagtij naar garnalen en andere wezens die verborgen blijven op de bodem van de zee. En Van der Heide’s serie Amerikaanse schilderijen is niet voor niets geënt op Kafka’s onvoltooide roman Amerika – der Verschollene. Ook deze doeken – en dan met name The Theatre of Oklahoma presents, en America, America... – stralen eenzelfde raadselachtige eenzaamheid uit als The Tide.

In America, America… wordt een gebakerd kind niet vertroeteld, maar zweeft het als twijfelachtige belofte van de toekomst in iets dat het midden houdt tussen een nomadische tent en een straat in New York. In The Theatre of Oklahoma presents (het theater dat iedereen aanneemt en waar de hoofdpersoon uit Kafka’s boek terechtkomt als al het andere in Amerika is mislukt) blijft het net zo onduidelijk als in The Tide waar de kijker precies naar kijkt. Naar een scène met verklede mensen binnen of buiten het theater? Naar een secuur geregisseerde prelude op de voorstelling? Of naar een verzameling mensen die lukraak bij elkaar zijn gesmeten, die niets met elkaar van doen hebben, geen enkele emotionele verbintenis hebben, dan dit ene: dat ze allemaal bij dit tot mislukken gedoemde theater rondhangen, omdat ze ooit ergens vertrokken zijn.