Je baas betaalt je cursus

Als je voor je werk een cursus of studie volgt, kun je je werkgever of de fiscus laten meebetalen.

Verken bij je werkgever goed de voorwaarden.

De fiscus en de werkgever financieren soms cursussen, maar niet de opleiding die je als hobby volgt, zoals een breicursus. (Foto WFA) WFA25:BREILES IN NEDERLANDS OPENLUCHTMUSEUM:ARNHEM;02JAN2007- Kinderen krijgen tijdens de winteropenstelling tot 14 januari in het Nederlands Openluchtmuseum in Arnhem breiles. Vorig jaar was de 'spoedcursus' een enorm succes en ook dit jaar is de belangstelling enorm. Volgens de breileraressen heeft dat alles te maken met de hernieuwde belangstelling in ons land voor ouderwetse handwerkactiviteiten en nostalgie. WFA/jvdh/str. VidiPhoto WFA WFA

Wie naast zijn baan een opleiding wil volgen hoeft dat meestal niet helemaal zelf te betalen. Zowel de werkgever als de fiscus zijn onder voorwaarden bereid de kosten van een opleiding die samen hangt met het beroep te vergoeden. Werkgevers doen dit niet alleen omdat ze gebaat zijn bij goedopgeleide werknemers, de fiscus biedt hun ook speciale faciliteiten voor aftrek voor deze investering in menselijk kapitaal. Daarnaast is ook in de inkomstenbelasting een mogelijkheid opgenomen scholingskosten af te trekken. Voor beide mogelijkheden geldt dat het moet gaan om een studie voor ‘beroeps- of inkomstenverbetering’.

Aan de werknemer de keuze om de studiekosten aan de fiscus of werkgever ter vergoeding voor te leggen. Bert Faber, senior fiscalist bij Rabobank, legt uit dat het in de regel voordeliger is om van de mogelijkheden van de werkgever gebruik te maken. „Deze regels zijn ruimer als het gaat om door de werkgever vergoede kosten. Deze vergoeding zal vaak ook nog onbelast zijn.” Bovendien is de opbrengst voor de werknemer hoger, legt de fiscalist uit. De werkgever zal in de regel immers de gehele opleiding vergoeden, terwijl met aftrek bij de fiscus – afhankelijk van het hoogte van het inkomen – een maximale aftrek van 52 procent kan worden bereikt. Bovendien moet er rekening worden gehouden met een drempel van 500 euro (fiscaal partners 1.000 euro), alleen het meerdere komt voor aftrek in aanmerking.

Faber legt uit dat er door de werkgever meer onbelast vergoed kan worden dan er via de aangifte afgetrokken kan worden. „Vanuit de gedachte ‘de werkgever is kritisch op wat hij vergoedt’ zijn de regels ruimer”, zegt hij. Zo kunnen binnen redelijke grenzen allerlei kosten, die naast de rechtstreekse kosten deel uitmaken van een opleidingtraject, onbelast worden vergoed, zoals symposia, excursies, studiereizen met inbegrip van reis- en verblijfkosten. Onbelast mag 0,19 per km aan reiskosten worden vergoed.

Wie een cursus wil volgen doet er goed aan eerst de voorwaarden voor vergoeding daarvoor bij de werkgever te verkennen. De ene werkgever vergoed een groter deel van de opleiding dan de andere. Ook hebben verschillende werkgevers voorwaarden ingebouwd die ervoor zorgen dat ze (een deel van) de investering terugkrijgen als de werknemer kort na het volgen van een cursus opzegt. Dit was ook het geval bij marketingmedewerker Jorien (33). Zij kreeg tijdens haar baan bij een grote uitgeverij de kans om een gespecialiseerde internetmarketingopleiding te doen. De werkgever schoot de kosten – zo’n 3.000 euro – voor. Jorien tekende ervoor dat de kosten haar in twee jaar tijd zouden worden kwijtgescholden. Na een jaar werd ze gevraagd voor een baan bij een uitzendorganisatie en zegde haar baan op. „In eerste instantie dacht ik niet meer aan de cursus. Tot ik van mijn werkgever een brief kreeg waarin stond dat het restant van mijn opleidingskosten van bijna 1.500 euro met mijn laatste loonbetaling zou worden verrekend. Een kleine domper, maar wel begrijpelijk”, zegt Jorien. „Ik had er natuurlijk wel voor getekend.” Ze kreeg van een hrm-medewerker de tip om het restant van de kosten in haar belastingaangifte op te nemen. Zover kwam het echter niet, want haar nieuwe werkgever bood aan de openstaande kosten over te nemen. „Dat was niet tijdens de salarisonderhandelingen besproken maar werd toch geregeld.”

Het blijft dus zaak, zeker bij kostbare opleidingen, de voorwaarden van de werkgever goed te doorgronden. Daarnaast moet de werknemer ervoor waken ook niet te snel de kosten op te nemen in de aangifte. Als daarna namelijk blijkt dat de werkgever toch wil bijdragen aan de opleiding kan dat onvoordelig uitpakken. Faber legt uit dat de particulier de kosten zelf moet betalen om voor aftrek in aanmerking te komen. Als men een vergoeding krijgt, kan men niets aftrekken. „Sterker”, waarschuwt de fiscalist, „als kosten zijn afgetrokken en later krijgt men toch een vergoeding, dan zal die vergoeding belast zijn”.