Ferme beenzwiepers in koningsblauwe kostuums

Dans Dansgroep Krisztina de Châtel: Imperium. Gezien: 4 febr Stadsschouwburg Amsterdam. Tournee t/m 31 maart. Inl.: www.dechatel.nl

Van een afstand zie je alles helderder. Zo blijkt dat Krisztina de Châtel eind jaren tachtig, begin jaren negentig, vrijwel onafgebroken bezig was met vragen over macht en machtsstructuren, vrijheid en bevrijding. Niet zo vreemd, als je bedenkt dat in die periode de Sovjet-Unie op haar grondvesten stond te schudden én dat de Hongaars-Nederlandse choreografe als jong meisje de tanks Boedapest zag binnenrollen.

In de voorstelling Imperium uit 1990, die De Châtel nu voor de tweede keer herneemt, levert een piramide van tweehonderd in delicaat evenwicht gestapelde stoelen (een ontwerp van Niek Kortekaas) voor een voortdurend gevoel van onheil op. Instortingsgevaar! Op het de toneelvloer lijkt die dreiging aanvankelijk te worden ontkend. Geïnspireerd door de barokmuziek van Henry Purcell, waaronder aria’s uit zijn opera’s en odes aan Queen Mary, schept De Châtel een beeld van rivaliteit en hofintriges. De soms frivole luchtigheid daarvan was destijds een openbaring: De Châtel leek de minimalistische ketens van de jaren tachtig te hebben afgelegd en de teugels te laten vieren.

Nog steeds valt de uitbundigheid van de choreografie op. In quasi-barokke, koningsblauwe kostuums met grote plooikragen (ontworpen door Rien Bekkers) springen en tollen vijf mannen over het ronde speelvlak, om na ferme beenzwiepers en geraffineerde gebarencombinaties weer plechtig voort te schrijden. Zij vormen de konkelende hofhouding rondom twee eveneens in blauwe kostuums gehulde ‘koninginnen’ die met steeds minder succes pogen te verhullen in een bittere krachtmeting te zijn verwikkeld. Dan wordt de sfeer onrustiger en is het wachten op de catastrofe. Die dan ook komt: met donderend geraas stort de stoelenberg in.

Bij deze reprise overtuigt Imperium helaas minder dan voorheen. Er waren altijd al zwakkere delen, zoals het slotdeel bijvoorbeeld, maar het is vooral de uitvoering die te wensen overlaat. De vijf mannen hebben de afgemeten strengheid van De Châtels basisidioom niet in de vingers, laat staan dat ze ermee kunnen doseren. Daardoor mist hun optreden de scherpte en gekte van de dansers uit de eerdere versies. Tussen de twee rivaliserende koninginnen wil het evenmin knetteren, zodat de thematiek van het stuk te vaag blijft. Jammer, want nog steeds is zichtbaar hoe spannend Imperium zou kunnen zijn.