Heftige tragedie van het gelijk

Regisseur Hans Sibbel, beter bekend als cabaretier Lebbis, levert met Antigone zijn eerste regie af.

Hij weet het drama op prachtige wijze te nuanceren.

Zo is de beroemde Griekse tragedie Antigone nooit eerder begonnen: met een liefdesscène tussen de heldin en haar geliefde, Haemon. Ze liggen op een hedendaagse bank, doen elkaar eeuwige beloften van liefde tot de dood erop volgt. Zoals: „Als er twee glazen wijn staan en een daarvan is vergiftigd, drink ik ze allebei”. Of: „Als jij een hand moet missen, hak ik ook mijn hand af”.

Regisseur Hans Sibbel, beter bekend als cabaretier Lebbis, levert met Antigone zijn eerste regie af. De intieme, liefdevolle openingsscène heeft hijzelf geschreven. In zoverre is zijn Antigone een bewerking. En het is een terechte opmaat van dit drama: in het oorspronkelijke verhaal is het altijd onduidelijk hoeveel Antigone en Haemon van elkaar houden. Uiteindelijk is Haemons liefde puur opportunistisch. Regisseur Lebbis maakt de liefde eerst hartstochtelijk om die vervolgens door Haemon kapot te laten maken.

Antigone, gespeeld door Lotje van Lunteren, is het hardnekkigste karakter uit de toneelliteratuur. Koning Creon, haar oom, wil een van haar broers niet begraven maar overlaten aan de honden en de gieren. Zij verzet zich tegen deze schanddaad van Creon. Haemon is de zoon van Creon en hij kiest, slinks en vals, partij voor zijn vader. Antigone is ook en vooral de tragedie van het gelijk: de koning heeft gelijk als hij in Antigone’s broer de vijand ziet. Antigone heeft gelijk. Ook Haemons standpunt is gerechtvaardigd.

Lebbis plaatst Antigone in een tijdloze omgeving. Elke speler heeft een tatoeage, van agressief (zoals Creon) tot sierlijk en vrouwelijk (zoals Antigone en haar zuster Ismene). Hiermee toont de regie aan dat de spelers tot een gang behoren. Een schitterende vondst zijn de Griekse zuilen van bruin pakpapier, evenals de vloer. Spelers scheuren dwars door dat papier heen, een windmachine maakt aan het slot een chaos van flarden papier.

Deze Antigone is heftig en compact. De strijd om de waardige begrafenis houden de spelers op de achtergrond, en dat is een juiste interpretatie. Het gaat om de eer: wie verliest in de woordenstrijd en wie wint? Van Lunteren is aanvankelijk een felle en geleidelijk een berustende Antigone. Dat maakt haar rol subtiel en triest. Martijn de Rijk als Haemon switcht op even aangrijpende als cerebrale wijze van hartstocht naar verloochening.

Voor het eerst zag ik ook hoe sterk de wachters in het drama betrokken worden; een van hen zegt: „We hebben geen mening, wij zijn er om besluiten op te volgen”. Dat komt hem duur te staan: Haemon neemt wraak. Hij wil weten waar zij Antigone hebben opgesloten. Zo'n martelscène zou in de oorspronkelijke klassieke tragedie niet kunnen, bij Lebbis wel. En het werkt.

Dit drama van de persoonlijke vrijheid krijgt indrukwekkend gestalte in het karakter van koning Creon, vertolkt door Iwan Walhain. Hier is een machthebber pur sang aan het woord die het voortdurend heeft over algemeen belang en de toekomst van het volk terwijl het feitelijk draait om zijn hoogst individuele triomf. Tegen elke redelijkheid in vernedert hij het prille, levenslustige meisje dat Antigone ook is. Het gaat hem helemaal niet om die waardige begrafenis, het gaat hem om machtswellust. Macht maakt arrogant.

Cabaretier Lebbis heeft van Antigone geen cabaret gemaakt, maar een serieuze tragedie. Als er gelachen kan worden, is dat uit de pijn van de argumentatie.

Lebbis heeft tal van passages zelf geschreven, omdat hij wil dat het hard en emotioneel aankomt bij de toeschouwers. „Helden willen niet dood!” roept Antigone uit. Dat is een mooi-dramatische zin die we vergeefs in het origineel zoeken. Het is Lebbis die dit in zijn regie heeft bedacht om het drama op prachtige wijze te nuanceren. Dat laatste verwacht je niet van deze cabaretier. Het is toch geweldig.

Antigone naar Sophocles door Noord Nederlands Toneel; Regie: Hans Sibbel. Gezien: 30/1 Machinefabriek, Groningen. Te zien t/m 9/2 aldaar. Inl.: www.nnt.nl