Varkens doodmartelen wordt gedoogd, maar een leeuw mag geen kunstje vertonen

Een rapport onthult wreedheid bij de veehouderij maar voor het circus dreigt straf, ontdekt Maarten Huygen.

Nooit geweten dat een veewagen meer gerief kan bieden dan een personenbus. Daar bedoel ik de zee van ruimte mee die elk dier ter beschikking krijgt. Op een geheim gehouden locatie in het Gooi onthulde de levendige Britse dompteur Alexander Lacey (31) mij de luxe aanhangwagen voor zijn grote katten. Die is twintig meter lang er lagen vier leeuwen en vier tijgers in. Dat is vijf vierkante meter per dier, berekende ik snel, beter dan business class maar dan zonder de leren fauteuils. Een tijger heeft niets aan een leunstoel maar wil strooisel hebben waar hij zich kan uitstrekken. De beige en gestreepte dieren lagen lekker tegen elkaar geschurkt te slapen, twee aan twee.

Grote katten rusten veel om hun dagelijks zestien kilo vlees te verteren die ze `s morgens krijgen. Zo`n 22 uur per dag slapen, soezen, suffen, net als gewone huiskatten. Als ze zin hebben, stappen ze uit de wagen in de ruime kooi. In het wild zouden ze niet overleven, want ze stammen af van negen generaties gehouden dieren. Ze leven ook twee keer zo lang en zo prettig als wilde leeuwen en tijgers.

Toen we langs de wagen liepen, werden er een paar wakker en ze keken hun dompteur aan, zoals een hond zijn baasje kan monsteren in de verwachting van iets leuks. Ze kennen Lacey en die heeft altijd een nieuwe ervaring in de aanbieding. De dagelijkse afwisseling is wat het circus voor heeft op de dierentuin waar de roofdieren elke dag doods naar dezelfde spijlen zitten te staren. Daarom begon Lacey`s vader die in Groot Brittannië twee dierentuinen heeft, met het dresseren van zijn dieren. Dan hadden ze iets te doen.

Een varkensvervoerder zou al die moeite en energie doodzonde vinden. Die zou in zo`n lange grote wagen 350 tot 475 biggen zo dicht op elkaar weten te proppen dat ze vaak niet meer kunnen staan of liggen. De Europese richtlijnen rekenen niet in dieren maar in kilo per vierkante meter. Alsof de dieren al dood vlees zijn. Dat is te vaak het geval na lange transporten naar Italië, Spanje en Griekenland. Op de site varkensinnood.nl is te zien hoe mannen routineus donkerrood opgezwollen dode biggen als rotte vruchten bij de poten pakken en uit de wagen smijten, terwijl de nog niet overleden dieren eruit worden gedreven.

Lacey vervoert zijn leeuwen en tijgers nooit over lange afstanden. Meestal rijdt hij niet langer dan een uur naar de volgende stad waar het circus wordt opgesteld. Het langste transport duurt acht uur, van Stuttgart naar Amsterdam, en dat heeft twee keer per jaar plaats, bij voorkeur `s nachts om de drukte te ontwijken. Dan liggen de leeuwen in hun ruime leger te slapen. Lacey zou wel gek zijn om zijn topsporters te ontrieven. Ze moeten fit zijn om het tien minuten durende nummer in het volle circus op te voeren. Als Lacey op zijn nieuwe plek is aangekomen, zet hij meteen de kooi op, want `s morgens komt in Duitsland, waar hij het meeste werkt, de inspectie die het gerief van de dieren op zes punten controleert.

Neem dan de veehouderij. Deze week publiceerde het goed gedocumenteerde Varkens in Nood op zijn site een geheim rapport van de Voedsel- en Warenautoriteit hoe veevervoerders en veehouders inspecterende dierenartsen intimideren. In het buitenland worden Nederlandse veevervoerders wel vaak beboet omdat er bijvoorbeeld bloed uit de wagens druipt of omdat de wagen overbeladen is. Nederlands veevervoer krijgt zo`n slechte naam dat zelfs de brancheorganisatie Saveetra op strenge bestraffing van overtreders aandrong.

In een beschaafd land verbiedt de overheid dan de wrede varkenstransporten over lange afstanden en krijgt Lacey een medaille voor de voorbeeldige manier waarop hij zijn dieren verzorgt. Helaas is het tegendeel het geval. De Kamer overweegt om het handjevol circusdieren te verbieden maar tegen wreedheden bij de landbouwsector met 350 miljoen kippen en 11 miljoen varkens wordt weinig ondernomen. Alsof de inspecteur een lieveheersbeestje in beslag neemt, terwijl in dezelfde Kamer een hond wordt doodgeknuppeld. Die paar circussen hebben geen macht, de landbouwsector wel. En de mensen halen geen portie tijger bij de kiloknaller. Circusdieren zijn zichtbaar maar varkens en kippen leven in dichte loodsen.

Bij elk nieuw incident met gestikte varkens protesteert de Kamer. Het minister van Landbouw belooft dan beterschap maar de gestelde deadlines worden zelden gehaald. Op de site van de vervoerders vond ik de geruststellende mededeling dat de vereiste navigatie-instrumenten voor controle op afstand en een alarm voor te hoge temperaturen in de veewagen voorlopig niet hoeven te worden gekeurd van het ministerie van Landbouw. Varkens mogen gerust smoren in de hitte.

Zo gaat het altijd. De overheid vindt inspectie te duur en het bedrijfsleven houdt er ook niet van. Nu het aantal rijksambtenaren wordt teruggebracht om geld voor andere zaken vrij te maken, moeten de inspecteurs het ontgelden. Bij de keurende Voedsel en Warenautoriteit is al eenderde van de banen verdwenen. Dan hebben strengere regels ook geen zin.

Voor Lacey en zijn collega`s wordt het onaangenaam in Nederland. Het kostte mij veel overredingskracht om hem te ontmoeten. Hij stond erop dat ik de locatie waar hij zijn grotere wagens laat bouwen, geheim hield. Zo bang is hij dat er dierenactivisten voor de deur verschijnen om hem en zijn dieren in gevaar te brengen. Hij heeft slechte ervaringen met Britse activisten die hem en zijn vader bedreigden. Zijn vader keek altijd voor het wegrijden onder zijn auto of daar geen bom zat. In Groot Brittannië werd zelfs een circus platgebrand. Wagens worden vernield of beklad. Op Youtube worden demagogische filmpjes van onbekende herkomst getoond. De officiële Britse commissie die de levensomstandigheden van circusdieren onderzocht, vond ze onbruikbaar als bewijsmateriaal. Maar een aantal Kamerfracties is ervoor bezweken. De Britten krijgen onderhand genoeg van dierenextremisme. In Nederland vindt het een gewillige markt.

Het kan altijd beter, erkent ook Lacey. De Britse overheid werkt daarom niet aan een verbod op circusdieren, maar aan betere regels die worden gehandhaafd. De Nederlandse politiek kan ervan leren.