Vanaf vandaag ben ik hier de baas

ABN Amro was altijd de grootste en belangrijkste bank van Nederland. Sinds de overname door het consortium staan ABN’ers opeens op het tweede plan. Dat is even wennen.

Op 11 oktober kwamen ze, de Belgen en de Schotten. Het was een zonnige donderdag vlak voor de herfstvakantie. Meteen op de dag dat de drie gelegenheidspartners Royal Bank of Scotland, Fortis en Santander hun miljardenbod op ABN Amro gestand deden, eisten zij hun plek op het Amsterdamse hoofdkantoor op. Er werden duizend nieuwe toegangspassen aangemaakt.

De manier waarop de nieuwe eigenaren hun entree maakte, verschilde nogal. Bot en lomp, beweren sommige bronnen. Best open en vriendelijk, zeggen anderen. Op één afdeling schoof een Schot een bureau van een manager leeg en riep: „Vanaf vandaag ben ik de baas.” Bij de afdeling personeelszaken ging het er iets gemoedelijker aan toe. „Wij organiseerden meteen een gezellig ontbijt in een kroegje om de hoek.”

Medewerkers op het hoofdkantoor hebben allemaal hun eigen verhalen over hun nieuwe Belgische en Schotse bazen – de Spanjaarden van Santander zijn vooral bezig met de inlijving van hun deel van de bank in Brazilië. Maar er openlijk over vertellen doet niemand. Er heerst enige schroom.

„Medewerkers staan onder grote druk”, zegt Carla Kiburg van FNV Bondgenoten, „vooral onder de staffuncties op het hoofdkantoor. Daar weet men dat er veel banen overbodig zullen worden, maar intussen wordt nog van alles van hen gevraagd: ze moeten veel informatie uitzoeken die de nieuwe eigenaren voor hun transitieplannen nodig hebben.”

Daarbij heerst er een vreemd, nieuw gevoel: een minderwaardigheidscomplex. Kiburg: „ABN Amro was altijd de grootste en belangrijkste bank van Nederland. Nu staat het personeel opeens op het tweede plan. Ze mogen niet echt meer meepraten.”

Een ABN Amro-manager ziet ook een botsing der culturen. „RBS wil doorpakken, geen getreuzel. De Schotten nemen weinig tijd voor reflectie, terwijl men bij ABN Amro gewend is om wel drie keer na te denken voor er een besluit valt.” Sacha Scholten, voorzitter van de Centrale Ondernemingsraad, spreekt van „de lijn van Mark”. Dat is de kordate manier waarop de nieuwe bestuursvoorzitter van ABN Amro, de Brit Mark Fisher, te werk gaat. „RBS wil na ieder overlegje binnen 24 uur een besluit nemen.”

Dat werkt vaak prettig en efficiënt, ervaren veel mensen bij ABN Amro. Maar op één punt zijn de nieuwe eigenaren iets te voortvarend te werk gegaan: de eerste ontslagronde. Die kwam in december, nog voor er met de ondernemingsraad afspraken waren gemaakt om de reorganisatie ordentelijk te laten verlopen.

59 werknemers kregen kort voor Kerst een telefoontje van hun directe baas. Sommigen stonden net op de skipiste. Hoewel veel mensen op het hoofdkantoor hadden zien aankomen dat hun functie overbodig zou worden, viel de boodschap dat ze per heden konden gaan nadenken over een nieuwe toekomst toch rauw op het dak.

Deze eerste ronde raakte met name de afdelingen personeelszaken, investor relations (voor contacten met beleggers) en corporate development (strategiedenktank). „Volstrekt logisch”, zegt iemand van personeelszaken. „De meesten van deze groep hadden vanaf oktober zitten duimendraaien. Er waren geen beleggers meer, er viel strategisch niets meer te bedenken en wij hoefden geen carrièrepaden meer uit te stippelen.”

Toch is de centrale ondernemingsraad verre van gelukkig met deze gang van zaken. „Het is erg amateuristisch verlopen”, zegt Scholten. „Er is op deze korte termijn nog onvoldoende zicht op mogelijke vacatures binnen de vier bankbedrijven. Terwijl het de bedoeling is dat er zoveel mogelijk mensen worden herplaatst.”

Pas deze week bereikte Scholten, na lange onderhandelingen, een akkoord met de raad van bestuur over de uitgangspunten die ervoor moeten zorgen dat de komende reorganisatie netjes, eerlijk en transparant verloopt.

Ook bij ABN Amro Asset Management nam de nieuwe eigenaar Fortis al besluiten die vooruit liepen op deze afspraken. De afdeling, die miljarden belegt voor institutionele klanten, wordt samengevoegd met Fortis Investments. Tot „grote verbazing” van Scholten is een nieuwe directie voorgedragen waarin Fortis-mensen „tegen de verhouding in” de overhand krijgen. ABN Amro Asset Management is grofweg tweemaal zo groot als Fortis Investments. Deze week maakte Fortis bovendien bekend dat de nieuwe combinatie „meer dan 2.000” medewerkers zal tellen. Nu werken er 2.900 mensen, dus 900 banen staan op de tocht. Fortis beweert het aantal te schrappen banen nooit eerder bekend te hebben gemaakt, ook niet intern. De ondernemingsraad zegt dat in verschillende gesprekken met de bank nog gesproken werd over 500 banen.

Buiten die 59 medewerkers, is ook een deel van het topmanagement opgestapt, of heeft aangekondigd te vertrekken – na topman Rijkman Groenink ook een tiental divisie- en afdelingsdirecteuren. Ook dat is niet onlogisch, zegt een manager. „Bij grote overnames wil de nieuwe eigenaar zo snel mogelijk aan de knoppen zitten. Dan haalt hij eerst de bestuursvoorzitter weg, vervolgens de financiële man en dan de chef personeelszaken. Zij zitten op het kapitaal.”

Eind december lekte uit dat het hoofd Human Resources Pauline van der Meer Mohr vertrekt. Hoewel Huib Boumeester nog in de raad van bestuur zit, heeft hij zijn financiële bestuurstaken aan de Ier John Hourican moeten overdragen. De sanering van het hogere management is daarmee volgens een betrokkene nog niet voltooid. „Let maar op, in juli is 70 tot 80 procent van de top 100 vertrokken.”

Het is de vraag of De Nederlandsche Bank gelukkig is met de snelle verschuiving in de top. De toezichthouder heeft als strikte voorwaarde aan de overname en opsplitsing gesteld dat mensen met sleutelposities bij ABN Amro op hun plek bleven, omwille van de continuïteit en bewaking van het ontmantelingsproces. Bij de vertrekkende managers zitten ook de hoofden van cruciale afdelingen als juridische zaken, financiën en boekhouding.

En het is de vraag in hoeverre de tot nog toe aangekondigde vertrekken in lijn zijn met de belofte van het consortium dat er geen gedwongen ontslagen zouden vallen, al stelden de nieuwe eigenaren bij voorbaat dat afvloeiing via het sociaal plan niet beschouwd wordt als een gedwongen vertrek. Daar verschillen de meningen over. Hans Westerhuis van de Europese ondernemingsraad: „Als iemand ongewild moet kiezen tussen een vertrekpremie of een herplaatsingsprogramma, noem ik dat ook gedwongen ontslag.” Zijn collega Scholten: „Maar als iemand vrijwillig van die stimuleringsregeling gebruikt maakt, weer niet.”

Gedwongen of niet, voor alle mensen die bij ABN Amro zullen vertrekken is de regeling voor overtollig personeel een stevige troost. „Een koninklijke regeling”, zegt iemand van personeelszaken. Wie sneuvelt, krijgt de keuze: óf een vertrekpremie, gebaseerd op de formule ‘voor elk dienstjaar een maandsalaris’. Of doorschuiven naar het mobiliteitscentrum, waar maximaal 18 maanden wordt gezocht naar een passende alternatieve baan, met behoud van salaris.

De ruimhartige vertrekregeling brengt sommige medewerkers ertoe er smachtend naar uit te zien. Zoals een medewerker van Asset Management, met plannen om voor zichzelf te beginnen, het formuleert: „Het zou een ramp zijn als ik niet ontslagen word.”

Lees de reconstructie van de overname op nrc.nl/abn

Rectificatie / Gerectificeerd

Correcties en aanvullingen

ABN Amro

In het artikel Vanaf vandaag ben ik hier de baas (2 februari, pagina 19) staat dat Jos ter Avest een van de veertien vertrokken topmanagers bij ABN Amro is. Ter Avest is weliswaar opgestapt als hoofd van de afdeling compliance (interne controle), maar heeft inmiddels bij ABN Amro een nieuwe functie gekregen, als transitiemanager bij private clients (bankieren voor rijke particulieren).