Stovern – Bad Bentheim

Het Duitsland om ons heen ligt vlakbij Nederland, maar het is anders. Het landhuis Stovern doet bijvoorbeeld alsof er elk moment geharnaste ridders door de poort kunnen rijden, moe van het brandschatten en graalzoeken.

De boerenhoeves zijn groter dan in Nederland, de kleur van hun pannendaken en baksteenmuren neigt meer naar oranje. De velden glooien sterk, de akkers vertonen al een zacht waas van babyjong koren. Op een kruispunt staat een kruisbeeld, plomp, met een knoestige Christus eraan.

En zo’n enorme lattenschuur, die zie je in Nederland ook niet: gammel, desondanks behept met grandeur. Een vracht dorre twijgen hangt aan het dak. Als daar ’s zomers blad aan zit, zal dit bouwsel romantisch ogen. Nu ook, zij het niet lieftallig, maar melancholiek. Gothic.

Gure schoonheid is hier het consigne, en verder geen flauwekul. Een laag opgehangen zon deelt steken uit. De wind peilt kieren in mijn kleren waarvan ik niet wist dat ik ze had. Met kou loop ik harder.

Wat ligt daar voor bruin hoopje ellende? Op dat zijpad? Ik zie een geknakte poot. Hè nee, een gewond dier? Een dood dier?

Man, die nooit harder gaat lopen, wandelt er op af (ik ben te laf).

Hij apporteert: „Een dooie jutezak!” Rode letters vertellen dat er Sidam coffee in heeft gezeten.

Het pad blijft kilometers lang ‘Alter Postweg’ heten, maar het is inmiddels een stuk minder geschikt voor de diligence die ik me bij een Postweg voorstel. In het Samerottbos wordt het een modderspoor van overstroomde rupsbandgleuven, tussen greppels vol aardebruin regenwater. De sfeer is transparant. De bomen, vaak larixen, staan wijd uiteen en de stammen maken ruimte voor lapjes weidegrond. Snerpend licht bijt het hout af en het blad uit. De wind verzorgt hoorspelgeknars in de takken.

We gaan weer het veld in. Voor je verzint dat hier een rivier stroomt, zie je al een hoge houten brug. Hij verbindt de oevers van de Vechte, een rivier met kracht in zijn water en weinig spektakel langs zijn oevers. Om dat te verzachten rijdt ver weg de brandweer voorbij, zijn zwaailichten tekenen polkadots in het landschap.

Het wandelcorvee door de straten van Suddendorf wordt snel vergeten in het volgende bos. Het bedekt een bergkam. Rotsen en afgronden passeren we, en ten slotte een ravijn dat Franzosenschlucht heet. Hier zal een leger van Napoleon in de pan gehakt zijn.

17 km. Kaarten 16, 17, 18 uit: Handelsweg. Uitg. Wandelplatform-LAW/Wiehengebirgsverband, Amersfoort-Osnabrück, 2001. Geen openbaar vervoer. Tel. taxi Hembrock, Bad Bentheim: 004959222403.