Semantische strijd over broeikasgassen

De uitstoot van CO2 zal tot 2011 dalen volgens de regels van Kyoto, maar de daadwerkelijke uitstoot zal stijgen. „Klopt, maar dit is een absurde discussie”.

Met het streven van dit kabinet om in 2020 de uitstoot van broeikasgassen met 30 procent te verlagen behoort Nederland tot de groene voorhoede van Europa. Maar wie gaat Balkenende IV en minister Cramer van Milieu (PvdA) hier te zijner tijd op afrekenen? En hoe valt het te controleren?

Die vraag kwam eind vorig jaar al uitgebreid aan de orde bij de begrotingsbehandelingen van het ministerie van VROM en werd deze week opnieuw actueel. Langs welke meetlat kan de Tweede Kamer Jacqueline Cramer deze kabinetsperiode leggen?

Die vraag is niet eenvoudig te beantwoorden, want de hele discussie over de prestaties van Cramer is terug te voeren op de keuze voor een globaal en Europees systeem van milieucompensaties. Is Nederland groener als er in de polder minder rook uit de schoorsteen komt? Of draagt Nederland meer bij aan het milieu als een vieze fabriek in Polen gesloten wordt ten gunste van een iets minder vieze fabriek in Nederland erbij?

GroenLinks stelde eind vorig jaar dat de binnenlandse emissie van kooldioxide deze kabinetsperiode stijgt in plaats van daalt. Dat was toch niet uit te leggen voor een kabinet met zulke groene ambities? Niet nodig, vond Cramer, want die stelling klopte niet. Dat wilde Tweede-Kamerlid Wijnand Duyvendak dan wel graag even vastleggen. Resultaat: een motie met de toezegging dat de „nationale emissie” lager is dan aan het begin van deze kabinetsperiode. Die motie neem ik over, zei Cramer.

Kan een minister nog duidelijker zijn? Toch blijkt uit antwoorden op Kamervragen dat de daadwerkelijke uitstoot van broeikasgassen in Nederland wel degelijk zal stijgen. Oorzaak: de aankoop van vervuilingsrechten in het buitenland. Die maken de sommen kloppend. GroenLinks is er als de kippen bij om daar het kabinet, dat zich zo graag op haar groenheid laat voorstaan, op aan te spreken.

„Woordbreuk en goedkope handel” noemt Duyvendak de handelwijze van de minister. Nederland gaat de komende jaren meer vervuilen, maar volgens de internationaal afgesproken spelregels van het Kyoto-klimaatakkoord mag de boekhouding gecompenseerd worden en resteert een getal dat in 2011 naar verwachting nét iets lager is dan 2006.

Ook de VVD ruikt bloed. Die vindt het kabinet juist te ambitieus met milieu en ziet in de twijfel over cijfermatige beloftes haar gelijk. „Dat krijg je ervan als je met zulke onrealistisch hoge ambities werkt”, zegt Tweede-Kamerlid Helma Neppérus.

Diederik Samsom (PvdA) is furieus en spreekt van een onheuse discussie. Milieu gaat al lang niet meer over Nederland, daarom zijn er juist internationaal afspraken gemaakt. Als Nederland meer elektriciteit importeert gaat de uitstoot naar beneden, maar dat was nu juist niet de bedoeling, benadrukt hij. Samsom noemt het ridicuul dat je een gezamenlijke Europese aanpak omarmt en tegelijkertijd eisen stelt aan de tastbare binnenlandse emissie. „Dan heb je het niet begrepen. Dat kan ik niet serieus nemen.”

En van een ‘woordbreuk’ door de minister is volgens hem al helemaal geen sprake. „Kijk dan naar de motie. Die had het over de reductie van nationale emissie. Excuses voor de exegese, maar dat ging dus niet over de fysieke binnenlandse emissies.” Maar die fysieke binnenlandse emissie stijgt wel? „Klopt, maar dit is een absurde discussie”.

Ook de woordvoerder van minister Cramer ontkent dat de minister haar woord niet houdt. „Zij heeft de motie anders geïnterpreteerd. Er staat niet in hoe je de uitstoot moet berekenen.”

Zullen de kiezers dat ook vinden, dat een groen beleid heel goed samen kan gaan met meer vervuiling binnen de landsgrenzen? Specialisten denken niet per definitie in Kyoto-termen. Onderzoeksinstituut ECN verwacht dat de binnenlandse uitstoot van kooldioxide aan het eind van de kabinetsperiode „beduidend hoger” zal liggen dan aan het begin.

En dat ‘nationaal’ iets anders is dan de tastbare binnenlandse emissie, is evenmin voor iedereen duidelijk. „Als wij over ‘binnenlands’ of ‘nationaal’ spreken, hebben we het doorgaans over wat in Nederland daadwerkelijk vrijkomt”, zegt Kees Peek van het Milieu- en Natuur Planbureau. Tegelijkertijd bestaan er weer rapportages van hetzelfde bureau waarin in Kyoto-termen over ‘binnenlandse’ uitstoot wordt gesproken.

Met de semantische strijd over broeikasgassen weet minister Cramer een ding zeker voor de komende jaren. De discussie over de groenheid van haar beleid is nog lang niet afgesloten.

Meer over de Europese CO2-richtlijnen op nrc.nl/klimaat