Muntenraadsel

Er was eens een sieradenmaker die er lol in had om van eenvoudig materiaal felbegeerde kleinoden te maken. Zijn nieuwste hit waren kettingen en armbanden vervaardigd van euromunten van 10 en van 5 cent. Om materiaal te verzamelen zat hij regelmatig in het koffiehuis.

Op een vroege februarimorgen zat de sieradenmaker daar ook, toen vier straatmuzikanten uit het voormalige Oostblok binnenkwamen: Szabó, Ivanovici, Kodály en Lipatti. Zonder aandacht aan de sieradenmaker te schenken, installeerden ze zich rond het tafeltje naast hem.Het viertal begon de speeldag met koffie: één cappuccino à € 2,40 en drie gewone koffie à € 2,15.

De sieradenmaker probeerde zo neutraal mogelijk te kijken toen de muzikanten in hun rinkelende zakken graaiden en allevier gepast betaalden. Szabó legde vier munten op tafel, Ivanovici vijf munten, Kodály zes munten en Lipatti zeven munten. In totaal lagen er 22 munten. Daarbij waren er geen van 1 of 2 cent, maar wel precies twee van 50 cent en precies twee van 1 euro.

De muzikanten hadden de deur nog niet achter zich dichtgetrokken, of de sieradenmaker stond bij hun tafeltje met geld. Hij pakte alle munten van 10 en 5 eurocent en legde er twee munten voor terug. Dat die samen 5 cent meer waard waren dan wat hij aan munten van 10 en 5 cent had gescoord, nam hij graag voor lief.

Wie had de cappuccino afgerekend en welke munten lagen er precies op tafel voordat de sieradenmaker kwam wisselen?