In Beeld

Het heeft er alles van weg, maar we zijn hier niet bij Madame Tussaud. Dit is echt. Nu ja, alles is relatief. Volgens de boeken zijn de cijfers 3 en 7 op haar van toepassing, maar dan niet in die volgorde. Wat is haar geheim? ‘s Werelds beste chirurgen, ongetwijfeld, die hun vak verstaan en hun cliënten voor de verandering niet bevriezen. Van nut moet ook haar reputatie zijn. Eens de mooiste, altijd de mooiste. Schoonheid is een perpetuum mobile. Mooi zijn maakt mooi. De beste crème is zelfvertrouwen. Gestut door een levenlang begerige blikken, is ze dus als vanzelfsprekend nog altijd de stoot van het schoolplein. Dat verhult ze niet, maar storen doet het vertoon niet. Dit is geen nouveau riche, dit is oud geld, adel, zo is ze geboren. Geen verdienste, maar klasse.

Het mannetje naast haar wordt vanzelf een naamloze figurant. Ook wordt hij een beetje een kermisklant. Zo iemand die op straat achter de geïnterviewde gaat staan zwaaien naar de camera en gekke bekken gaat trekken. Uitsluitend en alleen leuk voor zichzelf, en hoogstwaarschijnlijk zelfs dat niet. Hebben jullie me gezien? Ja, we hebben je gezien. Het lijkt erop dat Depardieu’s blik van boezem naar hoofd gaat, en mogelijk weer terug, als om te controleren of de fabriek bij de assemblage geen fouten heeft gemaakt. Wie veronderstelt, dat die heen en weer pendelende blik wordt voortgedreven door bewondering, vergist zich. Echte bewondering houdt afstand en uit zich op een verstolen manier. Die verdraagt geen ironie en relativering of zogenaamde lol van grootheden onder elkaar. We zijn hier niet onder elkaar, cher ami, wilt u zo vriendelijk zijn achter de hekken te blijven? U zou zelf doelwit moeten zijn van uw spotlust. Niet zij zet zichzelf te kijk, maar u.