Ferme taal over urennorm, maar staatssecretaris zit fout

Het is fascinerend en tegelijk verbijsterend om te zien hoe staatssecretaris Van Bijsterveldt haar standpunt ten aanzien van de 1040-urennorm verdedigt. Met ferme taal en stoere blik handhaaft zij haar positie, terwijl zij toch ook zou moeten weten dat hier sprake is van een simpel misverstand.

Leerlingen krijgen al sinds jaar en dag zo`n 32 lessen per week, wat neerkomt op 26 klokuren per week. Ooit heeft een ambtenaar dat omgerekend naar een jaarnorm, zonder rekening te houden met Pasen, Pinksteren, excursies, vergaderingen, toetsweken en alle andere normale momenten in een schooljaar waarop er geen les is. Gewoon 40 weken keer 26 uur geeft 1040 uur. Geen haan die daar naar kraaide want de urennorm was een papieren cijfer en geen taakstelling.

De staatssecretaris heeft deze Kafkanorm uit de kast gehaald, opgepoetst en op het bordje van de scholen gelegd. Een school die hieraan netjes wil voldoen zal het lesrooster moeten uitbreiden naar 36 lessen per week. Daar heeft die school natuurlijk geen geld voor en dat begrijpt onze staatssecretaris best wel, maar ze kan nu niet meer terug. Daarom geeft ze alleen boetes aan scholen die maar liefst 150 uur onder de norm blijven.

Het is prima dat de staatssecretaris ten strijde trekt tegen scholen die lesuitval wel heel makkelijk opnemen, maar stel dan wel eerst een redelijke norm vast die voor een school goed haalbaar is, of geef boter bij de vis en betaal de scholen voor de extra inspanning.