Tegenslag advocaten tribunaal Cambodja

De Nederlandse advocaat Victor Koppe heeft vandaag voor het Cambodja-tribunaal van de rechters geen eed mogen afleggen. Koppe en zijn collega Michiel Pestman kunnen daardoor niet pleiten voor Nuon Chea, die als verdachte voor het tribunaal terechtstaat.

Volgens Koppe heeft de weigering om de eed te mogen afleggen, te maken met een wrakingsverzoek dat hij en Pestman deze week indienden tegen een van de rechters van het tribunaal. Deze rechter, Ney Thol, moet volgens de advocaten onmiddellijk ontslagen worden uit het tribunaal dat de kopstukken van de Rode Khmer moet berechten. Hij zou „onafhankelijk noch onpartijdig” zijn. Koppe zei vandaag tegen Radio 1 dat dit wrakingsverzoek tot grote irritatie bij de Cambodjaanse rechters heeft geleid. „Het feit dat ik de eed niet mag afleggen, is een volledige bevestiging van het wrakingsverzoek. Dit tribunaal wordt zo een farce.”

Voor het Cambodja-tribunaal staan mensen terecht die verdacht worden een cruciale rol te hebben gespeeld in het regime van de Rode Khmer, in de jaren zeventig. Tijdens dat regime kwamen naar schatting 1,7 miljoen mensen om het leven – meestal werd hun de schedel ingeslagen op de beruchte killing fields. Het tribunaal is met steun van de Verenigde Naties opgezet, maar is geen internationaal gerechtshof. Het bestaat deels uit Cambodjaanse rechters. Een van hen, Ney Thol, leidt als generaal de militaire rechtbank en is lid van het bestuur van premier Hun Sens Cambodjaanse Volkspartij. Hij zou jarenlang tegen de Rode Khmer hebben gevochten. Volgens de advocaten Koppe en Pestman heeft hij twee politieke tegenstanders van Hun Sen veroordeeld in andere processen. Zij kregen later overigens gratie.

Nuon Chea, die nu terechtstaat, is bekend geworden als Broeder Nummer Twee. Hij zou persoonlijk opdracht hebben gegeven tot tienduizenden moorden. Hij gold als de tweede man achter Pol Pot.