Verdachten van terreur langer vast

De drie mannen die op Oudejaarsdag door een speciaal arrestatieteam werden aangehouden op verdenking van het voorbereiden van een terroristische aanslag, blijven nog minstens 14 dagen in bewaring.

De drie werden aangehouden na een tip van de Algemene Inlichtingen- en Veiligheidsdienst. Volgens deze dienst bestond de kans dat de verdachten op korte termijn een aanslag wilden plegen.

Het landelijk parket van het Openbaar Ministerie ontkent berichtgeving in onder meer De Telegraaf dat een drukbezocht oudejaarsfeest in Rotterdam doelwit van de drie zou zijn. Het gaat om een Soedanees met de Nederlandse nationaliteit en twee Marokkaanse Nederlanders. Er zijn bij de drie geen explosieven of wapens aangetroffen. Wel nam de politie bij huiszoeking correspondentie en gegevensdragers in beslag. Over de inhoud daarvan worden geen mededelingen gedaan.

Betrokkenen bij het onderzoek noemen het onwaarschijnlijk dat het Rotterdamse feest het doelwit zou zijn geweest. Als daarvoor op aanwijzingen waren geweest, zouden de veiligheidsmaatregelen ter plekke veel uitgebreider zijn geweest. De aanhoudingen waren voor de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding ook geen aanleiding om het landelijk dreigingsniveau te verhogen. Volgens het landelijk parket zijn er geen aanwijzingen dat de drie banden onderhouden met de terreurverdachten die in december in België zijn aangehouden.

De drie zijn aangehouden op basis van de Wet terroristische misdrijven die sinds 2004 werving voor de jihad en samenspanning met als doel een aanslag te plegen, apart strafbaar stelt. De strafbaarstelling van terroristische delicten is in die wet verhoogd met 50 procent. Op samenspanning staat een gevangenisstraf van maximaal tien jaar. De Wet terroristische misdrijven is het gevolg van Europese besluitvorming over extra zware straffen voor terroristische delicten.

Nieuw in de wet is de strafbaarstelling van samenspanning met het doel, terroristische activiteiten te plegen, ook als er geen aanslag is gepleegd. Dat gold voorheen alleen voor misdrijven die de veiligheid van de staat in gevaar brengen. De drie verdachten worden, blijkens een korte reactie van het landelijk parket, van dit delict verdacht. Het doelwit van de drie is niet bekend, maar voor de vraag of er sprake is van strafbare voorbereidingshandelingen, is dit ook niet van belang, aldus justitie.

Voor veroordeling wegens samenspanning moet worden aangetoond dat twee of meer personen hebben afgesproken een terroristisch misdrijf te willen plegen. Dat kan blijken uit verklaringen van degenen die de afspraak gemaakt hebben, uit getuigenverklaringen of afgeluisterde telefoongesprekken. De rechter-commissaris besloot gisteren tot 14 dagen in bewaring stelling om nader te onderzoeken of de verdenkingen tegen de drie juist zijn.