‘Niemand teleurgestelder dan ik’

Na het uitbreken van de kredietcrisis gaven vooral bankbestuurders uiting aan hun ongenoegen. „Ik heb voorlopig wel even genoeg lol beleefd aan het zakenbankieren.”

Er is in 2007 veel gebeurd in de financiële wereld, en er is ook veel gezegd. Hieronder volgt een terugblik op een paar pareltjes aan wijsheden – sommige accuraat, sommige louter uitingen van ijdele hoop, sommige ronduit dom – die het afgelopen jaar door de zwaargewichten van Wall Street zijn geuit.

Uit de categorie (foutieve) voorspellingen: „Ik denk dat de financiële markten worden overgewaardeerd”, zei topman Steve Schwarzman van Blackstone in februari.

Nog geen zes maanden later ging de door hem opgerichte private-equityfirma naar de beurs. Sindsdien blijkt zijn uitspraak ook te hebben gegolden voor de beurskoers van Blackstone, die sinds de beursgang met 25 procent is gedaald.

Begin juli merkte Chuck Prince, toen nog topman van de financiële reus Citigroup, terecht op dat „als de muziek – in termen van liquiditeit – stopt, de zaken ingewikkeld worden”. Niettemin bleef hij optimistisch: „Zolang de muziek speelt, moet je opstaan en dansen. En we dansen nog steeds.” Sindsdien is de koers van Citigroup met meer dan 40 procent gekelderd en is Prince werkloos geworden.

Iets accurater in dezelfde categorie was William Conway, een van de oprichters van private-equityfirma Carlyle. In zijn jaarlijkse brief aan het personeel van de firma erkende hij eerder dit jaar dat „deze liquiditeitsomgeving niet oneindig lang kan blijven voortbestaan. Hoe langer het duurt, des te erger het zal zijn als er een einde aan komt.”

Met betrekking tot de kredietcrisis en de onrust op de huizenmarkten vielen er ook een paar voorbeelden van ongeloof en ontkenning te noteren. Neem financieel directeur David Viniar van zakenbank Goldman Sachs, die – kort na een kapitaalinjectie van 3 miljard dollar (2 miljard euro) in een van de in problemen geraakte hedgefondsen van de firma – verklaarde: „Dit is geen reddingsoperatie.” Viniar vervolgde: „Gezien de ontwrichting van de markt geloven we dat dit voor ons en andere beleggers een goed beleggingsmoment is.”

Op 24 juli maakte de Amerikaanse hypotheekverstrekker Countrywide Financial een winstdaling van 33 procent over het tweede kwartaal bekend. „Niemand heeft dit zien aankomen”, aldus topman Angelo Mozilo, die de Fed (de Federal Reserve, het federale stelsel van Amerikaanse centrale banken) de schuld gaf van de crisis en beleggers inzicht bood in het verband tussen de huizenmarkt en de economie in haar geheel: „Ik denk dat dit uiteindelijk gevolgen zal hebben voor de economie. Ik kan gewoon niet geloven dat de economie helemaal immuun is voor de huizenmarkt.” Ook de aandelenkoers van zijn bedrijf was dat overigens niet, want die is sindsdien met 70 procent gekelderd.

De Fed kreeg niet altijd de schuld. Bouwbedrijf Hovnanian deed zijn problemen voor de media uit de doeken toen zijn marketingdirecteur voor Ohio, Greg Pillen, in september een koopweekend voor potentiële huizenkopers aankondigde. „De mensen willen huizen kopen, maar de media hebben hen nerveus gemaakt”, zei hij. „Ze moeten zich gewoon realiseren dat er geen betere tijd is om een huis te kopen dan nu.”

De hoofdprijs in de categorie wishful thinking gaat waarschijnlijk naar topman Mark Ernst van H&R Block. Tijdens een telefonische conferentie met beleggers in januari hing hij een prijskaartje aan de hypotheekactiviteiten van zijn concern. „We zijn duidelijk niet van plan het bedrijf voor 700 miljoen dollar te verkopen. We verwachten dat de uiteindelijke waardering het bedrag van 1,3 miljard dollar, dat we voor het bedrijf in de boeken hebben staan, zal overtreffen.”

Jammer dat het allemaal anders is gelopen: een verkoop aan private-equityfirma Cerberus ging niet door en in december zei het concern een voorziening van 75 miljoen euro te moeten treffen voor de sanering van dezelfde divisie.

Maar bankfunctionarissen hadden het meeste uit te leggen. „Niemand – níémand – is teleurgestelder dan ik in het resultaat”, zei Stan O’Neal van zakenbank Merrill Lynch over de winst voor het derde kwartaal van zijn firma, waarin afschrijvingen ter waarde van bijna 8 miljard dollar waren verwerkt. Hij ging zes dagen later ‘met pensioen’ en kreeg daarbij een gouden handdruk van 161 miljoen dollar mee.

Slechts een paar dagen daarvoor had Ken Lewis, O’Neals collega bij Bank of America, lucht gegeven aan zijn eigen ongenoegen. „Ik heb voorlopig wel even genoeg lol beleefd aan het zakenbankieren.” Het is niet zeker of zakenbankieren wel ‘lollig’ moet zijn. Maar het is wel de bedoeling dat er geld mee wordt verdiend – iets wat Bank of America niet is gelukt. De kwartaalwinst van de zakenbank van Bank of America daalde met maar liefst 93 procent.

En ten slotte was daar Albert Lord, topman van de Amerikaanse hypotheekopkoper Sallie Mae, die wellicht de gevoelens van veel financiers die 2007 zo snel mogelijk achter zich willen laten, het best heeft verwoord: „Laten we gaan. Geen vragen, alstublieft. Laten we dit in godsnaam achter ons laten.”

© Breaking Views. Vertaling Menno Grootveld.