Het imago ligt plots in duigen

Arme Kenianen grijpen de uitslag van de verkiezingen aan om te plunderen. Het tribalisme versterkt de chaos. Ondertussen blijkt dat president Kibaki niet alleen winst heeft behaald.

Het imago van Kenia als een van de meest stabiele landen van Afrika ligt plots in duigen. Het hevige geweld vóór en na de uitslag van de presidentsverkiezingen toont hoe armoede een ontwikkelingsland kan destabiliseren. Bijna de helft van Kenia’s bevolking leeft onder de armoedegrens. Bij het tijdelijk wegvallen van een effectieve staatsmacht, zoals bij de mislukte coup in 1982 of nu, grijpen deze armen de gelegenheid aan om te plunderen.

Jonge bewoners van sloppenwijken in Kisumu trokken dit weekend massaal naar het stadcentrum en konden zonder ingrijpen van ordetroepen urenlang „gratis winkelen”. Volgens sommige berichten deden politieagenten mee, die tot de slechtst betaalde ambtenaren behoren. Een plunderaar zei: „In de nacht besteelt de regering ons armen van de overwinning, daarom nemen wij bij daglicht wraak door te plunderen.”

Aangewakkerde tribale sentimenten geven het geweld een extra akelig aangezicht. Politici stellen zich vaak op als tribale leiders in de traditie van het Afrikaanse stamhoofd. Raila Odinga is de onbetwiste leider van de Luo-stam en de Kikuyu’s, de grootste groep in Kenia, stemden als blok op Kibaki. In Kenia liggen de tribale tegenstellingen niet zo scherp als in bijvoorbeeld in Rwanda, maar tijdens de campagnes appelleerden alle alle kandidaten aan stamafkomst.

Bij de huidige rellen leiden deze aangescherpte stamsentimenten er toe dat bepaalde tribale groepen doelwit worden. In Kisumu werden behalve leden van de Aziatische gemeenschap Kikuyu’s mikpunt van de plunderaars. In de sloppenwijk Mathare Valley van Nairobi, voornamelijk bewoond door Kikuyu’s, stonden gisteren door Luo’s in brand gestoken woningen in lichterlaaie.

In de hoofdstad werden de afgelopen dagen enkele Luo’s, die in tegenstelling tot de Kikuyu geen besnijdenis praktiseren, gedwongen besneden door tegenstanders. „We zullen nooit een president met een voorhuid accepteren”, schimpten Kikuyu-aanhangers van Kibaki tijdens de campagnes. „Het is nu onze beurt om uit de ruif te eten”, scandeerden op hun beurt Luo-aanhangers van Odinga.

De omstreden uitslag maakt één ding duidelijk: de boze Kenianen hebben een krachtige motie van wantrouwen uitgesproken tegen de regering van Mwai Kibaki. Officieel heeft de zittende president gewonnen, maar een blik achter de chaos leert dat talrijke oudgedienden in de politiek werden weggestemd. Twintig ministers verloren hun parlementszetel onder wie talrijke naaste medewerkers van de president. Slechts in twee van de acht provincies stemde een meerderheid op Kibaki.

Vicepresident Moody Awori verloor evenals Kibaki’s meest invloedrijke medestander, de tycoon en minister van Defensie Njenga Karume. Ook raakte zijn voormalige minister van Financiën David Mwiraria zijn zetel kwijt, net als onderminister en Nobelprijswinnaar Wangari Maathai. Het nieuwe parlement wordt gedomineerd door de partij van oppositiekandidaat Raila Odinga, de ODM (Orange Democratic Movement). Veel kandidaten van de Partij van Nationale Eenheid (PNU) van Kibaki werden verslagen en de nieuwe president is daarmee politiek vrijwel vleugellam geworden.

De uitslag van de parlementsverkiezingen maakt ook een einde aan de invloed van de oude president Moi, aan de macht van 1978 tot 2002. Drie zonen van Moi werden weggestemd evenals diens beruchte ex-medewerker, Nicholas Biwott. De alom gevreesde Biwott is in verband gebracht met enkele politieke moorden, zoals de dood van minister Robert Ouko in 1990, en met corruptieschandalen. Moi voerde in de kiesdistricten van zijn tribale Kalenjin-groep campagne voor Kibaki met de slagzin: „Als jullie van mij houden, stem dan op Kibaki.” Raila Odinga’s ODM won echter de meeste stemmen in wat eens Moi’s bolwerk was.

Kenia is al maanden in de greep van de verkiezingswedstrijd: van nomade tot kleine boer, van armoedzaaier tot effectenhandelaar, iedereen volgt de politiek met passie. Het grote politieke bewustzijn leidde tot de hoge opkomst bij de verkiezingen. Democratie leeft bij de gewone man en vrouw in Kenia, maar de meesten van hen zitten nu angstig thuis en vragen zich af wat hen in het snel polariserende land te wachten staat. Neemt Raila gas terug en roept hij op tot kalmte, of keert de rust terug door de harde aanpak van de overheid, zoals het sluiten van vrije media en bevelen om met scherp te schieten op demonstranten?