Waarom daarom

Wie in een tekst op een spelfout stuit, schudt de hand van een heer met een vlekje op zijn mooie broek. Jammer. Het doet even pijn. Of de heer onschuldig werd bemorst dan wel zichzelf bevlekte, of de auteur bezocht werd door een spelduiveltje dan wel niet spellen kan, een vlekje is fout en een fout een vlekje.

Foutloos spellen hoort.

‘Maar als je snapt wat er staat?’ Typisch een vraag van een veertienjarige. Zeg me waarom. Rekent u hij word fout? Telt het mee? Het antwoord is toch goed? Waarom kun je niet schrijven zoals je praat? Lees MSN. We schrijven zoals we willen en we begrijpen elkaar toch?

Beste collega, leg het maar uit.

Pakt u het aan via de gebiedende wijs: het moet, ik zeg, jij doet? Vanuit de overtuiging dat het domweg leren van grammatica het brein voorbereidt op het correct naleven van de wet?

Of legt u uit dat foutloos spellen een kwestie van goede manieren is en dat goede manieren ons eerste en laatste houvast zijn in de wildernis van dit seculiere tijdgewricht?

Of bent u van de rekkelijke kant en onderricht u uw kroost: vormen zijn arbitrair, maar het is handig als we allemaal hetzelfde doen, dus wees slim, leer het gewoon.

Bovenstaande heeft iets weg van de discussies die ik de laatste tijd met leerlingen voer over hun aanwezigheid in de les. Onze school beschikt sinds kort over een elektronisch registratiesysteem. Bij binnenkomst haalt men zijn pasje langs een lezer en het display bliept: ok. Wie zijn pasje niet laat scannen is afwezig. Wij dienen de leerlingen te herinneren aan hun scanplicht.

Zo bijvoorbeeld.

Kas, hallo, goedemorgen, wil je even je pasje laten scannen?

Mijn pasje? O ja. Uhm...

Kas broedt op een antwoord en besluit dan dat de waarheid het best overtuigt. Vergeten. Zit nog in zijn andere broek.

Wil je dan nu even een leenpas halen? Kost twee euro.

Kas kijkt me ongelovig aan: Maar ik ben er toch?

Ja klopt, maar je moet je registreren.

Maar ik ben er. Ik zit hier. Ik ben op school. Wat doe ik fout?

Je moet je registreren. Dat is een afspraak.

Kas loopt rood aan. Hij onderdrukt een wegwerpgebaar.

Waarom?

Waarom daarom, zeg ik.

Ik heb geen geld bij me, zegt hij. Dus.

Ik geef het even op. We begrijpen elkaar toch? Ik ben er toch?

Ik wens u weer veel geduld en wijsheid in 2008.

marijn@marijnbacker.nl