Spreeuwenkuikens met veel familie hebben een grote bek

Jonge spreeuwen die in het nest veel concurrentie ondervinden van broertjes en zusjes hebben aan het eind van de nestperiode grotere bekken dan controlespreeuwtjes uit kleinere legsels. Met hun grote, fel gekleurde keeltjes proberen zij de aandacht van hun ouders voor zich op te eisen, om een zo groot mogelijk aandeel van het voedsel te krijgen (Proceedings of the Royal Society B, online, 18 december).

Het is een kwestie van investeren in het belangrijkste lichaamsonderdeel, concluderen Spaanse en Britse biologen. Want hoewel de vogeltjes met veel competitie grotere bekken hebben, zijn hun lichamen over het algemeen juist kleiner dan die van andere spreeuwen.

De onderzoekers bestudeerden de lichaamsgroei van jonge zwarte spreeuwen (Sturnus unicolor) onder verschillende omstandigheden in een open boslandschap in de buurt van Madrid. Ze plaatsten twee dagen oude kuikens in een ander nest met ofwel kuikens van gelijk gewicht als het hunne, ofwel in een nest met zwaardere kuikens. In het nest met zware kuikens zou het proefkuiken te maken krijgen met grotere voedselconcurrentie.

Na vier dagen in het nieuwe nest verging het de proefkuikens in het nest met de zware jongen relatief slecht. Hun groei stagneerde, behalve die van hun bek. Maar na nog eens acht dagen bleken deze kuikens hun lichaamsgroei te hebben ingehaald en was hun opengesperde bek significant groter dan die van controlejongen.

De onderzoekers concluderen dat jonge spreeuwen er in slagen extra voedsel van de verzorgende ouders te krijgen door hun lichaamsreserves anders te verdelen. Door vooral te investeren in hun bek, die dan nog een vlezige, flexibele mond is, gaan zij de competitie aan met grotere nestgenoten.

Bij andere vogelsoorten was al eerder vastgesteld dat bepaalde lichaamsonderdelen prioriteit krijgen in de ontwikkeling. Zo ontwikkelen jonge glanskoppen (een mezensoort) die uit het ei komen dat als laatste is gelegd, versneld vleugelveren. Zo kunnen ze toch tegelijk uitvliegen met hun oudere broertjes en zusjes. En jongen van de gevlekte bosuil geven de prioriteit aan de ontwikkeling van poten en snavel, om zo snel mogelijk het nest te kunnen verlaten en van tak naar tak door de bomen te kunnen kruipen. Sander Voormolen