Naschrift

Op mijn column over Weifelmoedige dokters zijn een groot aantal brieven binnengekomen. In eerdere columns heb ik al betoogd dat apert onzinnige alternatieve therapieën, zoals de klassieke homeopathie met oneindig verdunde geneesmiddelen, niet meer toegepast moeten worden nu wij voldoende weten van chemie om met zekerheid te kunnen zeggen dat ze niet kunnen werken.

Er zijn dokters die onzinnige therapieën gebruiken in plaats van reguliere en die daarmee patiënten in gevaar brengen. Dat is de reden waarom de artsen die Sylvia Millecam hebben behandeld zwaar gestraft zijn door de tuchtraad, en terecht. Het gaat echter niet aan, vinden de inzenders, om zulke warhoofden en schurken op één hoop te gooien met dokters die alternatieve middelen als aanvulling gebruiken op de reguliere, zeker als niet vast staat dat die complementaire middelen echt niet werkzaam zijn.

Ik weet dat en ik wil best geloven dat niet alle alternatieve dokters brokken maken en dat sommigen hun complementaire therapieën alleen gebruiken waar geen reguliere voorhanden zijn. Waar het in mijn column echter om ging is dat de KNMG-discussie een volstrekt oneigenlijke was, omdat er niet werd gesproken over de toepassing van niet-werkzame middelen door gediplomeerde dokters, maar over de vraag of er wellicht nog wat koren schuilt onder het kaf van alternatief. Ik wijs nog op de voortgaande gedachtenwisseling op de opiniepagina van NRC Handelsblad met stukken van Cees Renckens en Frank Franzen (20 december). Ook een reportage in de Volkskrant van 21 december over een arts die `met kosmische energie kanker dood slaat` is de moeite waard. Alternatief is niet zo maar een speeltje. Het kan dodelijk zijn.