‘Mijn tijgers zijn rasartiesten’

Dompteur Job Lijfering (57) begon afgelopen week aan zijn laatste serie optredens. Hij woont samen met Trudi, heeft een dochter en vier tijgers. „Eerst moet ik het verdriet verwerken dat twee van mijn geliefde tijgers vertrekken.”

‘Fantastische dieren, maar ja, welk dier is niet fantastisch?’ Foto Dirk-Jan Visser (Foto: Dirk-Jan Visser / Hilversum: 21-12-2007) de laatste Nederlandse dompteur Job Lijfering met de enige nog in Nederland levende Bengaalse (circus)tijgers hier hij het Staatscircus van Moskou in Hilversum Visser, Dirk-Jan

Vrijdag 21 december

Onze perschef John Lyon heeft me enkele dagen geleden gebeld en gevraagd of hij een beetje publiciteit mocht geven aan mijn laatste optredens met mijn tijgers. Nou ja, dat mag altijd wel, al is het maar voor een beetje extra reclame voor het circus. Uiteindelijk ga ik er mee stoppen en wie interesseert dat nu?

Hij had er wel niet bij verteld dat zijn persbericht naar iedere krant, televisie omroep en radio omroep zou gaan. Sinds die dag staat de telefoon rood bij mij, want iedereen wil nog snel even een opname, foto of interview hebben. Ik doe er dan wel aan mee, maar John moet zich voorlopig maar even niet bij me laten zien.

Om 12 uur komt de fotograaf van het NRC, maar mijn tijgers slapen nog, zoals ze trouwens de hele dag doen, maar een paar stukjes vlees doen wonderen. Een voor een komen mijn jongens naar buiten om te poseren en een lekker hapje te halen. Zij blij en de fotograaf ook.

Om 14 uur heb ik een afspraak met omroep Gelderland. Aangezien ik in Wageningen geboren ben, vinden ze dat ik een beetje van hen ben. Zij willen ook foto’s en een interview.

In de circustent zijn inmiddels de repetities begonnen en vanavond is de generale repetitie. Iedereen loopt nerveus rond alsof het hun eerste optreden is. Gelukkig hoef ik daar niet aan mee te doen, mijn tijgers zijn rasartiesten die hebben geen repetities meer nodig.

Ik ga ze nu lekker voeren en daarna kunnen ze beginnen met hun favoriete bezigheid: slapen.

Zaterdag

Wat is het koud vandaag. Gelukkig hebben mijn tijgers daar geen last van, ’s winters dragen ze de mooiste en warmste pelsmantel die er bestaat. Vandaag maak ik ze wat vroeger wakker want voordat onze eerste voorstelling in Hilversum begint hebben we nog een fotosessie en een interview met de Gooi en Eemlander.

Mijn twee oudste tijgers Boris en Iwan (twee broertjes), 16 jaar oud, worden een beetje stijf wakker na hun lange nachtrust, maar ja, daar heb ik zelf met mijn 55 jaar ook last van. We hebben gewoon even wat tijd nodig om weer op gang te komen.

Grismo van 12 jaar en Bombay van 9 jaar hebben daar geen moeite mee en zijn al snel in hun buitenverblijf aan het spelen. Deze laatste twee zal ik straks heel erg gaan missen, zij gaan naar Spanje, naar onze vriend Marcel Peeters. Hij zal ze in een andere roofdierengroep integreren, daar ze nog te jong zijn om al met pensioen te gaan.

Circusdieren die van jongsaf aan gewend zijn aan reizen en optreden, kun je niet zomaar ergens onderbrengen. Ze hebben veel afwisseling en aandacht nodig en als ze niets te doen hebben, gaan ze zich vervelen. Mijn twee oudste jongens blijven gewoon tot hun einde bij mij, zij kunnen hun oude dag slijten op onze boerderij in Noorbeek, Zuid Limburg.

Zo, het interview is achter de rug, nu vlug even wat boodschappen doen met mijn vrouw Trudi. Daarna begint de eerste voorstelling, dan gaan we eten, vervolgens nog een avondvoorstelling, tijgers voeren, filmpje kijken knus samen op de bank en slapen.

Alweer een dag voorbij, waar blijft de tijd.

Zondag

Eindelijk een dag zonder fotografen of interviewers, niet dat ik wat tegen die mensen heb, maar wij zijn niet zo veel aandacht gewend. Eindelijk een normale circusdag met twee matinees en een vrije avond.

Mijn dochter Nathalie belt me om te zeggen dat ze morgen op Heiligenavond samen met haar man Peter bij ons komt eten. Gezellig, daar verheug ik me nu al op. We hebben haar vaak moeten missen en zij ons ook, misschien nog wel meer.

Het is niet makkelijk om er als reizende artiest voor te zorgen dat je kind een behoorlijke opleiding krijgt. Je moet ze op een gegeven moment achterlaten bij familie of internaat en geloof me, dat is het ergste dat je als ouders kan overkomen. Menig traantje heeft gevloeid.

Gelukkig werd ze opgevangen door haar oma en tante en is ze nu dankbaar dat ze een goede opleiding heeft gekregen. Hierdoor kon ze een keuze maken tussen het circusleven en het burgerleven zoals wij dat noemen. Na een jaar de pr voor het circus te hebben gedaan heeft ze toch voor het burgerleven gekozen. Slimme meid.

Maandag

Vandaag hebben we maar een voorstelling, een vroege om 13 uur, dus rest ons veel tijd om samen met het gezin door te brengen. Ik ga nog even snel op de fiets naar de supermarkt. Mijn vrouw heeft toch nog enkele dingen vergeten. Bij de AH kom ik in een mierennest terecht, mensen met volgeladen boodschappenwagentjes rennen om me heen om nog snel de laatste voorraden uit de winkel in te slaan. Ik vraag me af waar ze het allemaal laten. Hoewel, mijn vrouw kan er ook wat van.

Ik verheug me al de hele dag op de feestmaaltijd die we vanavond voorgeschoteld krijgen. Hazenrug met rode kool, peertjes, vossebessen, aardappelkroketjes en een zalige wildsaus. Het recept heeft ze van haar vader, die het weer van zijn moeder gekregen had. Een erfstuk dus, traditioneel en zeer exclusief.

Voor mijn tijgers die vandaag extra goed hun best hebben gedaan – ze wisten zeker dat Nathalie stond te kijken – liggen extra grote porties vlees klaar. Net zo lekker smullen als wij dus. Het doet me alleen veel verdriet dat dit de laatste kerst is dat ze allevier samen zijn. Nu de tijd van afscheid nemen nadert, krijg ik het er steeds moeilijker mee.

Dinsdag

Kerstmis roept altijd oude herinneringen op, gelukkig meestal goede. Een van mijn, nee, onze mooiste herinneringen zijn de vele winters dat we met Kerst in Parijs werkten, bij Anni Fratellini. Het circus stond opgebouwd in Bois de Boulogne en vanuit mijn luie stoel in de woonwagen had ik een prachtig uitzicht op de Eiffeltoren.

De compagnie bestond uit jonge mensen opgeleid in Anni’s eigen circusschool. Jonge mensen met grote ambities, die later allemaal goede artiesten zijn geworden. De gezelligheid, warmte, liefde en behulpzaamheid die we daar kregen, zijn we later niet meer vaak tegen gekomen.

De tijden zijn nu veranderd, er is geen saamhorigheid meer in het circus, geen gezelligheid. Iedereen denkt alleen nog maar aan zichzelf. Niet alleen de artiesten met wie je maand na maand samenwerkt, maar ook de eigen familie. Zo vaak als je vroeger bij iedereen de deur plat liep, zo vaak sta je nu voor een gesloten deur, moet je eerst aankloppen en dan nog maar afwachten of je naar binnen gevraagd wordt.

Deze veranderingen zorgen er wel voor dat mijn beslissing om er mee te stoppen een beetje gemakkelijker wordt.

Woensdag

Ik kom uit bed en zoals iedere ochtend trek ik mijn badjas aan en ga naar buiten om mijn honden uit te laten. Ik heb twee Mechelse Herders, een reu van acht jaar, Dingo, en een teefje van twee jaar, Zazou. Fantastische dieren, maar ja, welk dier is niet fantastisch? Terwijl ze rondlopen om hun behoeften te doen en te spelen loop ik naar mijn tijgers. Ik maak het nachtverblijf open zodat ze de buitenkooi in kunnen, maar er is nog geen beweging te zien. Ze slapen allevier nog en het zal ook nog wel even duren voor de eerste wakker wordt. Het zijn nu eenmaal langslapers.

Ik ga naar binnen om koffie te maken terwijl mijn vrouw nog lekker ligt te slapen. Ik pak de kalender om te kijken wanneer mijn laatste optreden plaats vindt. Dat is dus 13 januari, om 14 uur in Tilburg. Maar er staat nog een aantekening bij 13 januari: ‘Job-Trudi 29 jr.’ Dus op de dag van mijn laatste optreden zijn mijn vrouw en ik 29 jaar samen. Dat is meer dan de helft van mijn leven, wat een toeval dat deze twee belangrijke dagen samen vallen.

Verder is het vandaag een echte circusdag, gewoon routine, niets bijzonders, behalve dat me vanavond weer een feestmaaltijd te wachten staat. Ik word weer verwend en dat gaat al 29 jaar zo.

Lucky me.

Donderdag 27 december

Dit is de laatste dag dat ik voor het Hollands Dagboek schrijf, maar nog niet de laatste van mijn optredens. Nog 17 keer te gaan. Er zullen dus nog heel wat gedachten, twijfels en emoties te verwerken zijn.

Wat de toekomst brengt is nog onduidelijk, er zijn wel aanbiedingen om voor andere circussen dieren of dompteurs op te leiden, maar zo ver kan en wil ik nog niet vooruit denken. Eerst moet ik het hoofdstuk van de laatste dertig jaar afsluiten en het verdriet verwerken dat twee van mijn geliefde tijgers vertrekken. Het zal niet makkelijk zijn en de tranen zullen weer vloeien.

Alles zal anders worden. Ons leven en onze toekomst. Niemand weet hoe, wat of waar. Que sera, sera.