Geprakte koekjes

Voor 16 stuks: 50 gram krentjes 3 eetlepels donkere rum 100 gram havermout ½ theelepel zout 2 theelepels kaneelpoeder 2 eetlepels fijne tafelsuiker 2 theelepels bakpoeder 2 eetlepels olijfolie (of gesmolten roomboter) 5 eetlepels kokende melk rijstebloem (natuurvoedingswinkels)

Dit is typisch een koekje dat kinderen heel gemakkelijk zelf kunnen maken. De rum kan desnoods worden vervangen door appelsap, koude thee of water.

Bereiding: Verwarm de oven voor op 180 graden. Laat in die tijd de krentjes weken in de rum. (Worden er grote krenten gebruikt, snijd ze dan in 3 tot 4 stukjes alvorens in de rum te weken.)

Vermeng in een ruime kom alle droge bestanddelen met elkaar. Roer er dan met een vork de olie door en vervolgens de melk. Prak het mengsel goed door elkaar tot een smeuïg mengsel en droog het deeg iets op door 1 eetlepel (of ½ eetlepel meer) rijstebloem toe te voegen.

Dompel de vork in water (tegen het plakken) en deponeer daarmee hoopjes deeg op enige afstand naast elkaar op een bakplaat, die bekleed is met een siliconenvel of bakpapier. Prak de hoopjes deeg met de natte vork telkens tot een tamelijk dik cirkeltje van zo’n 6 cm doorsnede.

Bak de havermoutkoekjes 30 tot 40 minuten in het midden van de voorverwarmde oven tot ze lichtbruin en gaar zijn. Laat ze afkoelen en hard worden alvorens ze van de bakplaat af te nemen.

Florine Boucher