Bern bouwt een nieuwe kuil voor zijn beren

De berenkuil van Bern is te klein, de beesten vervelen zich te pletter. Hoogste tijd voor een nieuw berenpark. Want Bern zonder beren, dat kan de stad zich niet permitteren.

De koning van Siam heeft ze gezien. Alexandre Dumas, James Cooper, Lenin en Einstein ook. Wie het voorbeeld van deze illustere lieden wil volgen, moet opschieten: de Bärengraben in Bern, ’s werelds beroemdste kuil met beren, gaat dicht. Het stadsbestuur heeft aangekondigd dat de bouw van een nieuw berenpark een dezer dagen eindelijk begint.

De stad is al jaren in de ban van deze verhuizing. De Bärengraben mag al eeuwen de belangrijkste toeristische attractie van Bern zijn, de manier waarop de beren zijn gehuisvest voldoet steeds minder aan de normen van deze tijd.

De kuil is meer een diepe stenen put, 12 meter breed en 3,5 meter diep. Bij de laatste renovaties, midden jaren negentig, werd een plonsbad aangelegd en kregen de beesten steenblokken om op te klimmen. Daardoor hebben ze nauwelijks ruimte meer om te lopen.

Dierenbeschermers vinden dat de beren niet genoeg bewegen en zich te pletter vervelen. Hun vacht vertoont slijtplekken van de bedelhouding: rechtop zitten. Hun enige vermaak is terugstaren naar toeristen, die in alle jaargetijden met bussen tegelijk worden aangevoerd en fotograferend over de reling hangen.

Er is zelfs een filmpje op YouTube van een dikke Berner beer die op zijn rug ligt en alleen zijn kop beweegt om etenswaren te vangen die omstanders naar hem gooien.

In Zwitserland is onlangs een wet aangenomen die toestanden als die in de Bärengraben vanaf 2011 illegaal maakt. Volgens Bernd Schildger, die verantwoordelijk is voor de beren, „moest er dus een nieuw park komen, anders zouden we met de oude kuil blijven zitten – maar dan zonder beren”.

Maar in dit land, waar mensen als de dood zijn om hun eigenheid te verliezen ten gevolge van vrije-marktbeginselen, massamigratie en andere symptomen van de globalisering, is zoiets makkelijker gezegd dan gedaan. Wie aan tradities tornt, tornt aan de Zwitsers en hun identiteit. Daarbij heeft het volk inspraak in belangrijke gemeentelijke bestemmingsplannen, en wordt het ook vaak geraadpleegd bij extra publieke uitgaven.

Aan de goedkeuring voor het nieuwe berenpark van bijna tienduizend vierkante meter, dat 5,8 miljoen euro gaat kosten, gingen dus de nodige ontwerpen, inspraakrondes, bezwaarschriften en politieke gevechten vooraf. Van de één mochten de beren wel in de rivier zwemmen, van de ander niet.

Ook over wie wat moest betalen, is jaren getwist. Eerst zou het park in 2006 opengaan, toen in 2007. Nu houdt men 2009 aan. De emoties liepen soms hoog op. „Het was”, vertelt een oudere passant met vilten hoed, „alsof ze óns wilden verhuizen, niet de beren.”

Dat de inwoners volgens hem „Heimat-gevoelens” aan beren ontlenen, is niet vreemd: die zijn verbonden met het ontstaan van de stad. Volgens de overlevering was de hertog van Zähringen, Berthold de Vijfde, in 1193 in deze contreien op jacht, en wilde hij een nederzetting stichten die de naam zou krijgen van het eerste beest dat hij zou vangen. En dat bleek een beer (Bärn in dialect).

Het berenvlees mag in typische Gaststätten als Nydegg of Kornhauskeller van het menu zijn verdwenen, nog altijd staan er beren in het wapen van de stad en het kanton. In souvenirwinkels word je doodgegooid met sleutelhangers, mokken en koekjes met beren erop. De eerste berenkuil dateert van 1513. De huidige kuil (er waren er vijf, op diverse plekken) zit er sinds 1857 – vlakbij het middeleeuwse centrum, aan de voet van de Nydegg-brug over de Aar.

Volgens volkslegendes vielen er zo nu en dan ’s nachts dronkaards in de kuil. Sommigen brachten het er levend af, met dank aan de wakkere berenwachter – na de burgemeester tot voor kort de belangrijkste stadsfunctionaris.

Vroeger kwamen de beren uit Zwitserland. Maar afgezien van één bruine beer uit Italië die vorig jaar opeens in een natuurpark in kanton Graubünden opdook („Bruin moet geweten hebben dat we het verdrag van Schengen hebben getekend en er geen grenscontrole meer is”, zei een Zwitserse parkwachter), zijn hier sinds 1904 geen wilde beren meer gesignaleerd. Vier van de vijf bruine beren in de kuil komen uit de Spaanse Pyreneeën; de vijfde is in de kuil geboren. Naar goede gewoonte heeft één van hen de oer-Zwitserse naam Urs.

Tijdens het Europees kampioenschap voetbal, dat komende zomer deels in Bern wordt gehouden, is het nieuwe onderkomen voor de beren nog niet klaar. Door de tijdrovende besluitvorming heeft de stad zichzelf volgens sommigen veel toeristische inkomsten door de neus geboord. Zo werd het referendum erover pas afgelopen juni gehouden.

Nuchter commentaar van Bernd Schildger: „88 procent van de kiezers in Bern steunde het project. Op dezelfde dag stemde 52 procent ermee in dat de Europese kampioenschappen in de stad worden gehouden. Me dunkt dat dit aangeeft wat de mensen hier het belangrijkst vinden.”