Angst voor het opheffen van grenzen verklaarbaar

In het redactioneel commentaar van 24 december `Hou de gordijnen open`, wordt niet geheel terecht de suggestie gewekt dat de toenemende mondiale welvaart een gevolg is van wereldwijd verdwijnende grenzen. Ook toen grenzen nog volop functioneerden heeft West-Europa tijden van grote voorspoed gekend, denk o.m. aan het Duitse Wirtschaftswunder. Wat wél aantoonbaar een gunstige invloed heeft gehad is het opheffen van handelsbelemmeringen.

Een tweede oorzaak is economische liberalisering in totalitaire naties met een dito geleide economie. Een vrij verkeer van goederen evenwel is iets heel anders dan het opheffen, de jure of de facto, van grenzen. Schier onbeheersbare immigratiestromen zijn daarvan het gevolg, met of zonder Schengen. Dat ondanks het verdwijnen van grenzen de neiging bestaat om eigen land of regio trouw te blijven, is feitelijk niet juist: Nederland herbergt al ongeveer twee honderdduizend Polen (Engeland al meer dan een miljoen), die steeds meer de neiging hebben zich hier blijvend te vestigen.

Met Roemenen en Bulgaren zal het net zo gaan, straks met Kroaten, Bosniërs, Serviërs, Kosovaren, Oekraïners etc. en mogelijk in een wat verdere toekomst Turken. Voeg daarbij een wassende stroom niet westerse allochtonen, en de beduchtheid van het grote publiek lijkt zeer verklaarbaar.

Met het sluiten van gordijnen heeft dat niets van doen, wel met een als reëel ervaren gevoel van mensen dat hun iets dierbaars is ontnomen (Paul Scheffer in het Land van aankomst).