U krijgt het ideale figuur!

Paul Bogaers: Onderlangs. IJzer, 416 blz. € 24,50 Paul Bogaers knipte en plakte, 15 jaar lang, en componeerde met Onderlangs (IJzer, €24,50) een meeslepende, ontregelende roman, schrijft Atte Jongstra. Zie pagina 10

Paul Bogaers: Onderlangs. IJzer, 416 blz. € 24,50

Wie Onderlangs, de eerste grote roman van Paul Bogaers, meent te moet wegzetten als uiterste uitwas van het postmodernisme is een dwaas. Een uitwas is het zeker, letterlijk. Het boek is uit tweehonderd of meer bestaande boeken ‘gewassen’, via een knip- en plakprocedé. Bogaers schreef namelijk geen regel zelf. Hij haalde (halve en hele) regels, alinea’s, een enkele keer een hele pagina uit veelal vergeten boeken. En dat alles met behoud van de oorspronkelijke typografie. Hij bediende zich van titels als Heimwee naar de jungle, Bemin me vannacht, Verschijningen en verschijnselen, Leerboek voor de politie, of Spelenderwijs een volmaakt figuur. Bogaers knipte, Bogaers plakte, vijftien jaar lang, en componeerde een meeslepende, ontregelende roman. De geschiedenis is eigenlijk snel verteld. In het leven van een amateurfotograaf plopt een ideale vrouw te voorschijn, die hij probeert vast te leggen op de gevoelige plaat. In de Bogaers-typografie leest dat zo:

De foto mislukt elke keer, er is slechts zwart te zien, en de vrouw is verdwenen. Dan is het wachten op de volgende plop. Ze duikt weer op, opnieuw een poging, zwart resultaat, en zo voort. Natuurlijk vertoont Onderlangs een ontwikkeling, als elke echte roman. Stapje voor stapje weet de hoofdpersoon zijn ideale geliefde iets dichter te naderen, in een tempo dat je misschien het beste kunt vergelijken met Bogaers’ eigen knip- en plaksnelheid. Het gaat de hoofdpersoon zelf uiteindelijk te traag. Hij besluit tot een andere manier om zijn geliefde gestalte te geven, al blijkt die weinig sneller. Zijn boetseermateriaal biedt op zijn minst weinig hoop op houdbaarheid:

Maar:

Dan wordt het fysiek in Onderlangs. Ik ga daar niet over uitweiden. Dat doet de auteur zelf, door middel van schaar en lijmkwast. Paul Bogaers is daarbij een intelligent schrijver. Zo bestaat hoofdstuk zeven uit verklaringen over hoe het boek in elkaar zit. Knip- en plakwerk nog steeds.

Onderlangs biedt een van de merkwaardigste leeservaringen van de laatste jaren. Je blik scheert steeds net langs wat er wordt verteld. Je zou kunnen zeggen dat de componist van deze roman voortdurend circumstantial evidence geeft voor wat er gebeurt. Daarbij vraag je je steeds af uit wat voor bron Paul Bogaers ditmaal heeft geput. Zeer vervreemdend. Nieuwe romankunst? Nee. Postmodern is het evenmin. Onderlangs behoort tot het volstrekt vergeten genre dat cento wordt genoemd. Componeren met zinsneden van anderen. Aanvankelijk als grapje bedoeld, satire. Het bleek ook zeer geschikt voor de samizdat ten tijde van de christenvervolginen in het oude Rome. Zo werd Jezus’ leven in zinsneden van de heiden Homerus naverteld.

In de vele eeuwen die volgden dook de cento te hooi en te gras nog eens op. Populair is het genre nooit geworden. Paul Bogaers is er echter in geslaagd om op die klassieke manier een bijzonder lees- en genietbare moderne liefdesroman bijeen te dichten.