Kerstspel (2)

‘En hoe is het afgelopen met het trekken van de lootjes voor het kerstspel?’ vraagt mama als Rintje, Henriette en Tobias thuiskomen uit school.

„Heel goed”, zegt Tobias, „we hebben een hele mooie rol gekregen.”

„We zijn de HeRiTo’s van het kerstspel geworden”, zegt Henriette.

„Nou eigenlijk zijn we geen HeRiTo’s maar CaMeBa’s!” zegt Tobias.

„Ik ken het kerstverhaal heel goed”, zegt mama. „Maar ik heb nog nooit van de CaMeBa’s gehoord.”

„Toch komen ze er echt in voor”, zegt Rintje. „Raad maar wie het zijn!”

„Heten de herdertjes zo?” vraagt mama. „Of de engelen?”

„Nee, fout”, zegt Henriette. „Ik zal je helpen. We komen uit het Oosten.” „En we hebben mooie cadeaus meegenomen voor het kindeke Jezus”, zegt Tobias.

„Ah!” zegt mama. „Jullie zijn de drie wijzen uit het Oosten, de drie koningen!”

„Ja”, zegt Rintje. „We zijn Caspar, Melchior en Balthasar!”

„Nou dan gaan we snel een paar mooie kronen maken”, zegt mama, „zodat jullie echt op koningen lijken!”

„Ik wil er een met glitters”, zegt Henriette. „Roze glitters!”

(Wordt vervolgd)