Ik zou graag van een afstandje toekijken

Begraven of cremeren?

„Cremeren. Ik moet er niet aan denken om begraven te worden, dat gevoel dat je in de modder ligt en onder de grond. Ik zie daar geen romantiek in. Bovendien wordt een graf na een aantal jaren geruimd. Als je zeker wist dat je altijd zou kunnen blijven liggen, was het misschien anders geweest.”

Waar?

„Als mensen graag nog een plek willen hebben om naartoe te gaan, mag de urn boven de grond. Misschien wel samen met die van mijn kat. Die heb ik hier nog steeds staan. Eigenlijk was die voor het Letterkundig Museum, ik heb er een versje op geschreven.

Ik zou het liefst verstrooid worden in het hofje bij mijn huis in Amsterdam, maar dat zouden ze dan stiekem moeten doen. Voor de buren is het waarschijnlijk een vreemd idee. Of het havenhoofd in Scheveningen, omdat ik uit Den Haag kom. Ik wil het wel een beetje licht en luchtig.”

Een feestelijke of een ernstige uitvaart?

„Dat mogen mijn nabestaanden beslissen. Ik kijk graag van een afstandje toe, maar dat zal er wel niet inzitten.

Wie is niet welkom?

„Als er mensen komen die ik bij leven niet aardig vond, zal de een of andere toorn ze wel treffen.”

Wordt er ter kerke gegaan?

„Tja, Ik ben een afvallige, maar misschien dat als ik erg oud ben, ik zo zwak ben dat ik de troost van het geloof weer kan vinden. Dat lijkt me geruststellend. Maar ik vrees dat ik gewoon helder blijf.”

Hecht u aan toespraken?

„Ik vind het prettig als mensen iets zeggen op begrafenissen. Alles waar de mensen die komen troost uit putten, is in orde.”

Welke muziek wilt u?

„In de opera Manon Lescout van Puccini zit een smartelijke aria ‘Non voglio morir’. Of iets lichts: Sitting on the Dock of the Bay.

Is er eten en drinken?

„Niet iedereen houdt van champagne, maar het moet er wel zijn. Je wordt er aangenaam licht van in het hoofd. Met wat zoetigheid erbij of iets hartigs, maar geen vlees. Ik wil niet dat er dieren aan mij worden opgeofferd. Er zijn in een crematorium al kadavers genoeg.”

Is er een dress-code?

„Ik draag graag zwart, maar dat hoeven anderen niet te doen.”

Hoe wilt u herinnerd worden?

„Het zou mooi zijn als die boeken nog wat beklijven.”