Hardnekkige strijd tegen ‘het Kwaad’

Deze week neemt hoofdaanklager Carla del Ponte afscheid van het Joegoslavië-tribunaal. Niet iedereen kon haar ‘agressieve’ aanpak en hardnekkigheid waarderen.

De dood van Slobodan Miloševic heeft volgens Carla del Ponte (60), vertrekkend hoofdaanklager van het Joegoslavië-tribunaal, geen effect gehad op het aanzien van het tribunaal. Dat schrijft Del Ponte in antwoord op schriftelijke vragen – volgens haar persvoorlichter is ze „veel te druk” voor een interview.

Dat de belangrijkste verdachte van het tribunaal anderhalf jaar geleden dood in zijn cel is gevonden, zit haar nog wel dwars. „Mijn probleem is dat hij stierf als een engel. Hij ging op een avond slapen en werd gewoon niet meer wakker. Ik heb daarover een probleem met mijn God”, zei ze deze zomer. Nu schrijft ze: „Het is heel jammer dat hij is ontsnapt aan gerechtigheid.” Ze hadden de oud-president van Joegoslavië nooit zijn eigen verdediging mogen laten voeren, vindt ze. „Onder normale omstandigheden had deze rechtszaak anderhalf jaar geduurd, en niet vierenhalf.”

Carla del Ponte was de vierde hoofdaanklager van het in 1993 opgerichte Joegoslavië-tribunaal. Na de diplomatieke Louise Arbour uit Canada, maakte de wereld kennis met een vrouw met een agressieve aanpak. „Justice is a woman”, zei Kofi Annan, secretaris-generaal van de Verenigde Naties, toen hij Del Ponte in 1999 voorstelde. Hoewel niet iedereen blij was met haar aanpak – autoritair, volgens sommigen; ‘alsof we nog in de tijd van de Inquisitie leven’, meenden anderen – werd ze in 2003 voor nog eens vier jaar benoemd.

Carla Del Ponte was aanklager van beroep en uit passie. Ze studeerde rechten in Bern en Genève, was ook in Zwitserland aanklager geweest. Ze deed onderzoek naar Italiaanse en Russische maffia, en naar Colombiaanse drugshandelaren. Ze brak het Zwitserse bankgeheim open om rekeningen op te speuren van afgezette dictators, drugsbaronnen, wapensmokkelaars. In 1989 ontsnapte ze ternauwernood aan een bomaanslag, bij een bezoek aan haar vriend en voorbeeld, de Italiaanse rechter Giovanni Falcone. De moord op hem is een drijfveer voor haar strijd tegen ‘het Kwaad’. „Falcone heeft me gevormd”, zei ze niet lang na haar aantreden. „We hebben vijftien jaar samengewerkt. Hij was de belichaming van hardnekkigheid.”

Met die hardnekkigheid heeft ze geprobeerd de Bosnisch-Servische leider Radovan Karadzic en legerleider Ratko Mladic te laten berechten. Ze wijst graag op een geplastificeerd Amerikaanse opsporingsbevel in haar werkkamer. Er staan drie foto’s op. Wanted: Slobodan Miloševic, Radovan Karadzic, Ratko Mladic. Reward up to $ 5 million. In de zomer van 2001 zette ze met een blauwe viltstift een kruis door de foto van Miloševic. Maar de beide anderen kreeg ze niet te pakken – ondanks de voortdurende harde taal tegen Servië, dat als het aan haar ligt pas tot de Europese Unie kan toetreden als Karadzic en Mladic zijn uitgeleverd.

Door diezelfde hardnekkigheid – waarmee ze maar bleef herhalen dat Karadzic en Mladic ‘nog dit jaar’ zouden worden gearresteerd – verbleekte haar internationale status. De Belg Serge Brammertz neemt haar functie over en zal toewerken naar de afsluiting van het tribunaal in 2010. Del Ponte, die vindt dat het tribunaal moet blijven bestaan zolang Karadzic en Mladic nog vrij rondlopen, wordt ambassadeur in Argentinië. „Daar schijnen ook nog een paar oorlogsmisdadigers rond te lopen”, zou ze gekscherend hebben gezegd.