Eén nacht in Odysseus’ armen

Op het toneel loopt ‘Odysseus’ treurig af, maar voor De Appel kent de voorstelling een onverwoestbaar gelukkig einde. De theatermarathon, die deze week in in première ging, is al bijna uitverkocht.

In kleedkamer na de première van ‘Odysseus’: Hugo Merten (Odysseus) en regieassistente Jacomine de Visser Foto Leo van Velzen Den Haag, 23-12-2007. Beeld van de overvolle kleedkamer na de premiere van de toneel marathon "Odysseus" door toneelgroep de Appel.In het midden Hugo Maerten als Odysseus , rechts regieassistente Jacomine de Visser en links Guus van Geffen decorontwerper. Foto Leo van Velzen NrcHb Velzen, Leo van

Applaus, staande ovatie: het Scheveningse Appeltheater biedt aan het slot van de theatervoorstelling Odysseus een uitbundig tafereel.

Op zondagavond 23 december, acht minuten over tien, klinken op het toneel de laatste woorden van Griekse krijger Theoklymenos (Aus Greidanus) en voedster Eurykleia (Sacha Bulthuis). Dan gaan de toneellichten uit. Donkerslag. Het applaus duurt vier minuten. Daarna spoeden de spelers zich naar de kleedkamer om champagne te drinken en vervoegt het publiek zich aan de bar of gaat naar huis.

Voor De Appel kent Odysseus een onverwoestbaar gelukkig einde: van de tachtig voorstellingen die tussen nu en juni gespeeld gaan worden is tachtig procent uitverkocht. Over een half jaar zullen, bij volledige zaalbezetting, 26.600 toeschouwers de opvoering hebben bezocht. Als je luistert tijdens de pauzes in de foyer hoor je nu al de toeschouwers praten over hoe ‘verslavend’ zo’n marathon is, dat het een ‘soap’ is met gelukkige en tragische momenten. En vooral dat het zo verrukkelijk is die oude verhalen over de Griekse en Trojaanse helden opnieuw te horen.

In de kleedkamer staan acteurs half afgeschminkt en half in kostuum met het champagneglas in de hand. Regisseur Aus Greidanus is blij: „Gefeliciteerd en dank jullie wel. We hebben het gehaald.” Al is de belangstelling groot en kan de voorstelling niet meer stuk, echt onbewolkt geluk bestaat er in het theater nooit. Daarvoor is de kunstvorm te ongewis. Voor hoofdrolspeler Hugo Maerten als Odysseus is er nog altijd een lange weg te gaan: elke keer moet opnieuw de energie worden opgebracht om de spanningsboog van begin tot einde vol te houden. „Straks komen er scholieren kijken en die verschuilen zich het liefst helemaal op de achterste rij in het duister”, zegt Maerten. „Probeer die maar te bereiken en hun aandacht gevangen te houden.”

Acteur Bob Schwarze was halverwege de marathon ervan overtuigd dat het goed ging. „Ik zag het aan de spelers in de andere scènes. Mijn eigen spel kan ik niet beoordelen. Maar ik stond rustig en zonder zenuwen te acteren, en dat merkt het publiek.”

Toeschouwers zijn bij

elke voorstelling een dwingende factor. Tijdens de scène, die zich afspeelt op de Olympus, waarbij Geert de Jong een look alike is van filmster Liz Taylor en Hubert Fermin als modekoning Karl Lagerfeld de show steelt, werd onverwacht veel gelachen. „Ik moest ineens mijn ritme veranderen”, zegt Sacha Bulthuis. „Natuurlijk maakt het gelukkig als de toeschouwers lachen, maar ik kon daardoor mijn eigen stem niet verstaan.”

Achter de coulissen valt ineens op hoe genadeloos het hoesten of een lach klinkt. Veel harder dan in de zaal. Toeschouwers zien sowieso slechts een deel van de voorstelling want achter de coulissen speelt zich ook nog een voorstelling af in het geheime rijk van kleedkamers en achtertoneel. Het is opmerkelijk hoe groot de concentratie van spelers is. Bovendien is het interessant om te zien hoe Geert de Jong zich inleeft in haar rol van Penelope. Ze blijkt in haar slotscène zo geëmotioneerd door de ellende dat ze alleen maar ‘vuilstortkokers’ voor zich ziet.

Voor Penelope, de eeuwig wachtende vrouw van Odysseus, zal er nooit een moment van geluk zijn in haar leven. Twintig jaar was die man van haar weg; hij komt terug, wil één nacht met haar slapen, en dan gaat ’ie er weer vandoor. Hij moet de bergen in met een roeispaan totdat hij een volk vindt dat die roeispaan voor een dorsvlegel houdt. Hij komt dus nooit meer thuis. Het is een gruwelijk slot: even mag Penelope gelukkig zijn, daarna laat haar echtgenoot haar in de steek. Ze wordt behandeld als oud vuil. Geen wonder dat het beeld van de stortkoker zich aan haar opdringt. Het geluk van Odysseus’ wederkeer is allang weer weg.

Zo zit Odysseus in elkaar: hoop en geluk worden afgewisseld met tegenspoed en ongeluk. Een gelukkig einde zou betekenen dat het verhaal is afgelopen, en dat kan niet. Elk slot is immers het begin van een nieuw verhaal.

Odysseus wordt gespeeld t/m 1 juni 2008. Inl. www.toneelgroepdeappel.nl