Statische Beatrix en ouderwetse Elizabeth

„Grofheid in woord en daad tast de verdraagzaamheid aan", zo stelde koningin Beatrix in haar kerstboodschap. De statische beeldregie van de toespraak, voorafgegaan door stemmige winterbeelden van de tuin rond Huis ten Bosch, contrasteerde met de visuele dynamiek van The Christmas Broadcast van koningin Elizabeth. De Britse vorstin zag zichzelf op een monitor in 1957 voor het eerst met Kerst het volk toespreken en haar verhaal werd afgewisseld met beelden van haar diamanten bruiloft en van de Britse militairen in Afghanistan.

Maar de inhoud van Beatrix’ betoog was beslist moderner. Ze vroeg niet zozeer aandacht voor de have-nots in eigen land als wel voor die in de hele wereld. Dat onze jongens en meisjes in Uruzgan onvermeld bleven leek geen toevallige omissie. En de muzikale omlijsting door het Muziekkorps Leger des Heils Amsterdam-West (psalm 82) en de spiritual Swing Low Sweet Chariot maakte de indruk bewust een brug te willen slaan tussen autochtone en allochtone Nederlanders.

Precies 35 jaar geleden werd het optreden van een spruitjes schoonmakende dubbelgangster van koningin Juliana in de Barend Servet Show (VPRO) door conservatief Nederland als een grofheid in woord en daad opgevat. De rel werd opgerakeld in de aan Wim T. Schippers gewijde aflevering van Hoge bomen (AVRO). Nu zou Schippers een dergelijk programma niet meer aan een netcoördinator kunnen verkopen, stelde hij in een interview op de themazender Cultura: niet vanwege de vermeende grofheid, maar omdat het te vreemd en adynamisch zou zijn om hoge kijkcijfers te kunnen genereren.

Een andere themazender – de digitale annexen van de publieke omroep dienen steeds meer als vrijhaven voor kwaliteit en verdieping – , /GeschiedenisTV, herhaalde een twintig jaar oud portret van Schippers, Waar heb dat nou voor nodig? (VPRO) door Emile Fallaux. Aanleiding vormde toen een expositie van het werk van Schippers in het Stedelijk. Fallaux stelde dat Schippers een belangrijker artistieke bijdrage aan de Nederlandse televisie had geleverd dan de vele brave programma's over kunst. Die werden veelal gemaakt vanuit de visie dat televisie het volk diende te verheffen door de schoonheid en het belang van kunst als ordenend principe over te dragen. Voor Schippers was televisie gewoon een galerie met het grootst denkbare publiek.

Een juiste analyse – in 1987. Wie de stortvloed aan licht amusement, veelal in het kader van liefdadigheid, tijdens de kerstdagen overziet, kan zich niet aan de indruk onttrekken dat geen enkele televisiemaker, met uitzondering van die bij enkele confessionele omroepen, het volk meer wil verheffen. Probleem is nu eerder dat kunst door niemand meer belangrijk wordt gevonden.

Toch waren er, zonder veel noemenswaardige voorpubliciteit, op Eerste en Tweede Kerstdag minstens twee eigen culturele producties te zien van absoluut wereldniveau. De AVRO zond in strakke, precies geschakelde beelden de kerstmatinee van het Koninklijk Concertgebouworkest uit. De NPS besteedde vier uur aan een onconventionele registratie van de opera Doctor Atomic van John Adams, zinnig ingeleid en toegelicht door deskundigen in de studio. Peter Sellars, die ook het libretto schreef en de voorstelling regisseerde, tekende ook voor de verrassende televisieregie.

Het kan dus nog steeds, ook bij de huidige Publieke Omroep. Maar het zijn Fremdkörper geworden, in een oceaan van spelletjes, shows, babbelprogramma's en religieuze propaganda.

Van de amusementsprogramma’s verdient de sublieme kolder van De Mike & Thomas Kerstrevue (VARA) een pluim, waarin volgens vertrouwd recept het gekoketteer met Bekende Nederlanders zowel gepersifleerd als geëxploiteerd werd. En van de talloze christelijke overpeinzingen door RKK, EO, NCRV en IKON bleef me vooral één enkele reportage bij. In Wijzen in het westen (EO) praatte Marianne Thieme (Partij voor de Dieren) in de Ezelsociëteit in Zeist even hilarisch als ontroerend tegen een bejaarde ezel. Hij wilde niet met haar meelopen.