Sleutelen met hangjongeren

Nico Aarts was dakloos en repareerde brommertjes om aan eten te komen.

Nu heeft hij een startersprijs gewonnen en begint zijn eigen bedrijf.

Anderhalf jaar was Nico Aarts (38) uit Tilburg dakloos. Hij had geen geld, woonde in een schuurtje bij een kennis, en repareerde in ruil voor eten en onderdak oude brommertjes. Een paar hangjongeren uit de buurt kwamen langs om hem daarbij te helpen. Aarts: „Ik zei tegen ze: precies om acht uur ben je hier. Elke dag. Anders hoef je niet meer te komen. Dat werkte.”

Inmiddels woont Nico weer op een kamer en staat hij op de wachtlijst voor een huurwoning. Een baan heeft hij nog niet, maar zijn ervaringen hebben hem wel aan het denken gezet. Zou hij niet een eigen werkplaats kunnen opzetten? Samen met hangjongeren oude Kreidlers en Zündapps opknappen en ze daarna tegen een schappelijk prijsje verkopen aan mensen in de buurt? Het liefst zou hij morgen beginnen. „Ik wil niet meer afhankelijk zijn van de bijstand. Het geld moet niet meer als een gehaktballetje op mijn bord terechtkomen.”

Iemand als Nico Aarts, dat is waar André Hendrikse van de Start Foundation, een particulier goede doelenfonds, naar zoekt. Elke twee jaar organiseert de foundation de Baanbrekerprijs, bedoeld om moeilijk bemiddelbare mensen aan een baan te helpen. Afgelopen jaar was het thema ‘werk en buurt’. Met andere woorden: bedenk een plan om jezelf aan het werk te helpen maar zorg dat de wijk er ook iets aan heeft. Nico Aarts was eind november een van de zestien winnaars. Hun prijs: begeleiding bij het uitvoeren van hun idee in 2008.

Dat gebeurt op diverse manieren, afhankelijk van de initiatiefnemer, zijn vaardigheden en zijn plan. Start Foundation kan bijvoorbeeld overleggen met de gemeente of iemand zijn bijstandsuitkering een tijdje kan behouden tijdens het opzetten van zijn project. Of kan helpen bij het benaderen van een woningcorporatie met de vraag of er geschikte ruimtes zijn. Het fonds kijkt of er cursussen nodig zijn, of er hulp moet komen bij de zoektocht naar financiers, en stelt zijn netwerk ter beschikking. Maar, zegt André Hendrikse, uiteindelijk ligt het initiatief altijd bij de winnaars zelf. „Als zij achterover leunen, doen wij dat ook. Het is hún plan waar ze werk van moeten maken. Het belangrijkste is dat ze weten dat hulp dichtbij is als ze op problemen stuiten.”

Nico Aarts wil in zijn brommerwerkplaats in Tilburg zo’n vijf hangjongeren laten werken. Hij hoopt ze zo van de straat te houden. Het belangrijkste is, zegt hij, „dat ze weer eigenwaarde krijgen. En dat krijg je wel als er na uren sleutelen weer zo’n blinkend ding de deur uitrijdt.”

Het project van Nico is niet alleen goed voor hemzelf, maar is ook goed „als inspirerend voorbeeld” voor de buurt, zegt André Hendrikse. Dat vindt ook Aedes, brancheorganisatie van de woningcorporaties. „Je kunt er cynisch over zijn”, zegt een woordvoerder, „want de economische gevolgen voor de wijk zijn natuurlijk gering. Maar het gaat ook om de voorbeeldfunctie.” Directeur Henk van Heuven van Aedes zegt dat „werkende mensen een wijk omhoog kunnen trekken. Ze stimuleren anderen om de draad van hun leven weer op te pakken.” En, zegt Hendrikse, er zijn meer gevolgen. Soms levert een project direct extra werkgelegenheid op voor andere wijkbewoners. Of komt er een vorm van dienstverlening in de buurt. Maar hoe levensvatbaar zijn die nieuwe bedrijfjes eigenlijk?

Volgens cijfers van de Kamer van Koophandel zijn het afgelopen jaar zo’n 100.000 nieuwe bedrijven opgezet, tienduizend meer dan vorig jaar, wat toen als ‘topjaar’ werd gezien. Zo’n 7 procent van de beginnende ondernemers stopt in het eerste jaar. Na vijf jaar is ongeveer de helft ermee opgehouden. Hoe de winnaars van de Baanbrekerprijs het er van af gaan brengen durft André Hendrikse van Start niet te voorspellen. Ook voor Nico Aarts geeft hij geen prognose.

„Misschien wordt het echt een eigen bedrijfje, maar het kan ook zijn dat het meer een activiteit voor jongeren wordt. Dan kan Nico bijvoorbeeld deels in dienst bij een welzijnsorganisatie komen.” Voor Nico is dat voorlopig allemaal nog niet zo belangrijk. Hij wil vooral zo snel mogelijk aan de slag met de jongeren. „Deze jongens willen gewoon lekker sleutelen en niet alleen de hele dag aan de lopende band staan. Daar krijgen ze alleen maar chagrijnige gezichten van.”

Meer info over de prijs: www.baanbrekerprijs.nl