Pensioengeld lucratief belegd in hedgefondsen

De Nederlandse pensioenfondsen hebben tijdens de kredietcrisis in het derde kwartaal miljarden verdiend op speculatieve beleggingsfondsen en grondstoffen. Zij hebben op deze beleggingen een rendement behaald van bijna 12 procent.

Dat blijkt uit cijfers van De Nederlandsche Bank over de financiële markten in het derde kwartaal.

De pensioenfondsen hadden in deze periode gemiddeld zo’n 34 miljard euro belegd in grondstoffen, met name olie, en in hedgefondsen. De rendementen zijn duidelijk hoger dan de beleggingsresultaten die enkele individuele pensioenfondsen, zoals PGGM (werknemers in zorg en welzijn), eerder hebben gerapporteerd.

Het derde kwartaal werd gekenmerkt door grote verliezen bij sommige hedgefondsen en zakenbanken op financiële transacties die samenhingen met risicovolle (subprime) hypotheken van mensen met een lage kredietwaardigheid.

De aandelenmarkten waren weken achtereen nerveus. De centrale banken pompten tientallen miljarden in het bancaire systeem om het vertrouwen te handhaven. Het Amerikaanse stelsel van centrale banken begon aan een serie renteverlagingen.

De pensioenfondsen leden in het derde kwartaal verlies op hun aandelenbeleggingen, zo blijkt uit de cijfers van De Nederlandsche Bank, maar zij wonnen op effecten met een vaste rente, zoals obligaties. Eind september hadden de pensioenfondsen 689 miljard euro aan beleggingen, waarvan bijna 5 procent in hedgefondsen en grondstoffen.

De centrale bank noemt het zelf „opvallend” dat de beleggingen in hedgefondsen „uitstekend” hebben gerendeerd, omdat „juist enkele hedgefondsen sterk” onder de financiële crisis hadden geleden. „Anderzijds is de diversiteit aan beleggingsstrategieën groot en zijn sommige strategieën juist profijtelijk bij de huidige crisis.”

Hedgefondsen doen met geleend geld meer of minder risicovolle beleggingen op de financiële markten, van vreemde valuta’s tot renteveranderingen.

In het eerste en tweede kwartaal boekten de pensioenfondsen rendementen op hedgefondsen en grondstoffen van respectievelijk plus 1 en minus 0,5 procent. De hoge winsten in het derde kwartaal droegen bij aan de stabilisering van de financiële positie van de pensioenfondsen. Op basis hiervan hebben all grote fondsen de volledige prijscompensatie (indexatie) op hun pensioenen de afgelopen twee maanden hersteld.

PGGM: pagina 19