Voorzitter Bondsdag snapt profvoetbal niet

Het gaat zijn bevattingsvermogen te boven, die excessieve hoge lonen in het voetbal en de bedragen die voetbalclubs besteden om talenten naar hun clubs te halen. Norbert Lammert, voorzitter van de Duitse Bondsdag, ventileerde in de zondagskrant Bild am Sonntag zijn ongenoegen over het vele geld dat omgaat in het voetbal.

De opmerkingen van de christen-democraat passen in het kader van het debat dat nu in Duitsland de politieke agenda beheerst. Dat gaat over het invoeren van een minimumloon, maar de socialistische SPD ijvert ook voor een maximumloon. Ook in Duitsland ontstond de afgelopen maanden ophef over megabonussen voor topmanagers.

Lammert neemt nu de voetballers mee in het debat. „De excessieve salarissen die we zien in de sport, vooral voetbal, storen me heel erg”, aldus Lammert in de krant. „Ik kan dat bijna niet begrijpen.”

De parlementsvoorzitter viel vooral uit naar Bayern München, de rijkste club van Duitsland die in het tussenseizoen al een recordbedrag van 70 miljoen euro uitgaf aan de komst van Miroslav Klose, de Italiaan Luca Toni en de Frasman Franck Ribéry. Bayern plaatste zich niet voor deze editie van de Champions League, en dat mag geen tweede keer gebeuren. Begin deze maand haalde het de achttienjarige Braziliaanse verdediger Breno naar Beieren. Het betaalde aan zijn club São Paulo 12,3 miljoen euro.

„Alle gevoel voor proportie is hier verloren gegaan, als een rijke Duitse club een tiener een loon aanbiedt dat de meeste vaders niet eens kunnen verdienen na jarenlang hard werken.”