Voedingsonderzoek moet weg uit Wageningen

In zijn artikel `We moeten op een nieuwe manier leren omgaan met mens, dier en milieu` (Opinie & Debat, 15 december) laat Michiel Korthals twee problemen links liggen.

Ten eerste is er de duidelijke relatie tussen de overconsumptie en de toenemende problemen met gezondheid en overgewicht. Korthals bevestigt weliswaar de eenzijdigheid van het Nederlandse voedingsonderzoek, dat vooral is gericht op het onderbouwen van `positieve` claims door de voedingsmiddelenindustrie, maar bij de aanbevelingen laat hij dat punt liggen. Niet zo vreemd, `Wageningen` is primair een landbouwuniversiteit waar het consumentenbelang niet meetelt. Bovendien heeft Wageningen geen medische faculteit en is dus niet in staat om behoorlijk onderzoek te doen naar de positieve of negatieve relatie tussen voeding en gezondheid. In het belang van de volksgezondheid en de objectiviteit is het dus dringend gewenst het voedingsonderzoek uit Wageningen weg te halen en onder te brengen bij een universiteit die wél beschikt over de benodigde afstandelijkheid tot de landbouw, medische kennis en faciliteiten.

Ten tweede signaleert Korthals de strijdigheid tussen Europees landbouwbeleid enerzijds en ontwikkelingssamenwerking en klimaatbeleid anderzijds, zonder daar in zijn aanbevelingen iets over te zeggen. Maar het is geen wonder dat onze ontwikkelingssamenwerking decennia lang zo weinig heeft opgeleverd, als de EU gelijktijdig de boeren in de Derde Wereld het gras voor de voeten heeft weggemaaid door het gesubsidieerde dumpen van overschotten, door oneerlijke concurrentie en door het geven van overdadige `voedselhulp` in die landen zelf.