Stradivariviool is niet altijd beter

Dat Stradivariviolen beter zouden zijn dan goede moderne violen, is een mythe, schrijft Jurriaan van Roon.

In het artikel ‘Investeren in oude violen en jonge violisten’ (NRC Handelsblad, 19 december) wordt de viool wel erg tekortgedaan. Dit instrument wordt uitsluitend als beleggingsobject gezien. Maar een viool is veel meer dan dat.

De waarde van een Stradivari en Guarneri wordt niet alleen bepaald door de klank. Stradivari en Guarneri zijn beroemd geworden doordat zij als eersten violen bouwden die zeer geschikt bleken voor solistisch gebruik.

De violen van Stradivari en Guarneri zijn deel geworden van een kunsthandel. Intussen zal geen leek het verschil horen tussen een Stradivari, een andere oude meesterviool of een nieuwe meesterviool.

Vioolbouw is een levend beroep. Er zijn honderden makers over de wereld verspreid. Daaronder zijn zeer talentvolle vioolbouwers die prachtige nieuwe instrumenten maken. Deze instrumenten komen dikwijls evengoed in handen van grote solisten.

In het artikel wordt beweerd: „violen die met de modernste technieken zijn gemaakt kunnen de warmte en klankrijkdom van de oude instrumenten niet evenaren”. Een zichzelf respecterend vioolmaker wérkt niet volgens „de modernste technieken”, maar volgens beproefde methodes.

„De warmte en klankrijkdom” van Stradivari zouden ongeëvenaard zijn. Wie heeft dat kunnen bewijzen? ‘Blinde’ tests hebben al dikwijls uitgewezen dat er geen kwaliteitsverschil te horen valt tussen nieuw en oud.

Jurriaan van Roon is bestuurslid van de Groep van Viool- en Strijkstokkenmakers.