Odysseus zwerft nu negen uur lang rond

TheaterOdysseus door De Appel. Gezien 23/12 Appeltheater, Den Haag. T/m 1 juli. Inl. 070-3502200, www.toneelgroepdeappel.nl

Pas na twee uur komt Odysseus, de held van het gelijknamige toneelstuk van De Appel, boos het toneel opgelopen, maar dan hebben we hem wel allang uit allerlei verschillende verhalen leren kennen. Er is al weinig van de held overgebleven. Het lijkt of regisseur Aus Greidanus en zijn medeschrijvers de Griekse mythologie grondig hebben doorgekamd op zoek naar belastende verklaringen over de oorlogsheld. Hoezo held? Hij is een moordenaar, een dief, een bedrieger, een oplichter, een overspelige echtgenoot, een afwezige vader en een slechte commandant.

Gisteren ging in het Haagse Appeltheater de toneelmarathon Odysseus in première. Het negen uur durend toneelstuk is gebaseerd op het 2800 jaar oude boek Odyssee van de Griekse schrijver Homeros – het beginpunt van de Westerse literatuur – over koning Odysseus die na de Trojaanse Oorlog tien jaar lang rondzwerft. Alleen al door de grote getallen is dit oogverblindende en meeslepende spektakel een belangrijk moment in de Nederlandse toneelgeschiedenis: negen uur toneel gemaakt door vijftig medewerkers met een budget van 1,2 miljoen euro; het wordt zes maanden lang zeventig keer opgevoerd voor in totaal 22.300 toeschouwers.

Odysseus is als project een vervolg op Tantalus, de theatermarathon uit 2003 die elf uur duurde. Vergeleken met Tantalus is Odysseus veel minder een waagstuk.

Tantalus was erop of eronder: als de peperdure voorstelling niet volgeboekt raakte, had dat de ondergang van de groep betekend. Dankzij het enorme succes van Tantalus kon De Appel nu echter met een gerust hart aan Odysseus beginnen: 75 procent van de kaartjes was al verkocht voor het stuk in première ging.

Vervolg Odysseus op pagina 11

Mythe rond Odysseus magistraal ontrafeld

Vervolg van Odysseus van pagina 1

Alleen al de verbluffend rijke vormgeving van het toneelstuk Odysseus is een reden waarom je na negen uren in het Haagse Appeltheater fris naar buiten komt en best zin hebt in nog een paar uur erbij. Guus van Geffen bouwde een betegelde paleiszaal, die gedurende de dag steeds weer rigoureus wordt getransformeerd. Eerst is het een weldadig badhuis. Dan wordt het een door Westerse soldaten ingenomen Iraakse paleiszaal met ijzeren stapelbedden en overal rommel. Dan wordt het de Hades, het dodenrijk, vormgegeven als een dichtgespijkerd kraakpand na een ontruiming. De rook dwarrelt nog rond. Na deze sombere sferen, waarin Odysseus tot nederigheid komt, volgt een uitbundig humoristisch intermezzo: de conference room waar de Griekse goden vergaderen. De urgente tune van een actualiteitenrubriek begeleidt de opkomst der goden, gekleed als Liz Taylor, Karl Lagerfeld, Paris Hilton en Pavarotti.

Iedere scène heeft zo zijn eigen sfeer, waardoor een scala aan stijlen ontstaat. Het duurt echter even voordat de voorstelling op gang komt omdat de eerste twee uur bestaan uit elegant verpakt verteltheater. Er zit nauwelijks dramatische spanning in de scènes, om de beurt vertelt iemand een verhaal. Pas bij de gespeelde dialogen komt er leven in de voorstelling. Dat blijft zo de hele dag: als er verhalen worden verteld, zakt het even in. Het verschilt wel wie er aan het woord is. Als Aus Greidanus iets vertelt, luistert iedereen ademloos. Hoewel juist het hechte verbond van de spelersgroep de voorstelling zijn fundament geeft, vallen de kwaliteitsverschillen tussen de spelers te zeer op. Greidanus, Geert de Jong en Sacha Bulthuis steken in al hun dubbelrollen overal bovenuit. De keuze voor Hugo Maerten als Odysseus is minder gelukkig. Hij is een adequate speler, maar hij is niet iemand met wie je als toeschouwer makkelijk meegaat, en de scènes waarin hij hevige emoties moet laten zien, gaan hem minder goed af. In de liefdesscènes lijkt dat deels te komen door een regie-keuze: Odysseus neemt afscheid van vier verschillende vrouwen en doet dat steeds op dezelfde harkerige manier. Hij kijkt de vrouwen nauwelijks aan.

Was Tantalus vooral een elegante aaneenschakeling van alle mythes over koning Agamemnon en zijn familie, zonder veel opvallende inzichten, Odysseus is meer een bewerking, een commentaar op Homeros, en daarom boeiender voor de gevorderde toeschouwer. Je krijgt scènes te zien die plaatsvinden net voor of net na de bekende scènes van Homeros, of in een kamer ernaast. Als een verzameling outtakes op een dvd. Zo krijgen personeelsleden en andere figuren die bij Homeros nauwelijks aan het woord komen, de kans om hun versie te geven. We horen bijvoorbeeld Odysseus’ manschappen morren van verveling in het paleis van tovenares Kirke. We zien de werkster het bloed opdweilen op de ochtend nadat Odysseus de honderd uitvreters in zijn paleis heeft vermoord.

Verreweg het beste deel is ‘Hades’, waarin Odysseus in de onderwereld afdaalt. Zijn dode wapenbroeders Achilles en Agamemnon wassen hem stevig de oren. Voor het eerst kan Odysseus zich er niet uit redden met een mooi vluchtverhaal. Hij moet eerlijk zijn fouten toegeven. De biecht werkt louterend. Bovendien leren de doden hem zijn sterfelijkheid te aanvaarden, en niet langer te streven naar onsterfelijke roem.

De nieuwe invalshoeken geven een minder rooskleurig beeld van de held en zijn thuiskomst. De manier waarop vrouwen en voetvolk worden behandeld in het epos, en de vernietigingdrang der mannen, krijgen scherp commentaar. Maar bovenal wordt de mythe rond Odysseus onderuit gehaald. Op zich doet Homeros dat zelf ook al, en dat staat in dienst van diens hoofdlijn: hoe de oorlogsheld tijdens zijn avonturen van alles wordt beroofd, tot hij niet meer is dan een naamloze, naakte drenkeling. Zo verandert hij door schade en schande van een eerzuchtige oorlogsheld in een ootmoedige sterveling. Homeros laat hem daarna echter weer opklimmen tot de machtige koning die hij ooit was. Geheel volgens de moderne inzichten laat De Appel de „man van duizend listen” niet zo gemakkelijk wegkomen: wie zoveel ellende heeft meegemaakt en veroorzaakt, vindt nooit meer rust en een thuis.

Over de totstandkoming van Odysseus, zie nrc.nl/kunst