Is straling van apparaten schadelijk voor de mens?

Een jaar lang hadden Toon en Els van de Vorst uit Helmond thuis allerlei storingen. De thermostaat viel uit, de automatische deurvergrendelaar van de auto ging kapot, de accu liep leeg. Een elektrotechnisch bureau weet de storingen aan een ‘behoorlijke frequentiestoring’ in de draadloze geluidsbox. Toon en Els vragen: is de straling van apparaten ook schadelijk voor de gezondheid?

Wie nog durft vindt op internet massa’s info over elektrosmog. Gsm’s, UMTS, radio en televisie, de babyfoon, radar; allemaal draadloze toepassingen die zouden leiden tot elektrostress, en erger.

In theorie zijn gezondheidseffecten als oververhitting mogelijk, zegt radiobioloog Eric van Rongen, onderzoeker van de Gezondheidsraad. „Het lichaam absorbeert een deel van de golven en zet die om in warmte. Net als in de magnetron. Maar het vermogen van de magnetron is ruim 800 Watt. Dat van een mobiele telefoon slechts 1/4 Watt, te weinig om iets op te warmen.”

Volgens John Bolte, onderzoeker aan het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, komt de meeste blootstelling aan elektromagnetische straling niet boven 10 procent van de limiet: 1 graad opwarming van het lichaam. Maar dichtbij een extreem sterke bron als de TV-mast bij IJsselstein, zou je de grenswaarden kunnen benaderen. „Dan moet je hem wel beklimmen. De straling wordt voornamelijk horizontaal uitgezonden. Als je het niet vertrouwt, kun je dus het best ónder een UMTS-mast wonen.”

Toch zijn er wel aanwijzingen voor verhoogd risico. Zo is er een statistisch verband tussen kinderleukemie in de nabijheid van bovengrondse hoogspanningslijnen. Dat zou in Nederland mogelijk tot één extra geval van kinderleukemie per twee jaar leiden. Het is een verband, nog geen oorzakelijk verband. Ook is het internationale onderzoek – met wisselende uitkomsten – over de effecten van het gebruik van de mobiele telefoon nog volop in gang.

Hoe zit het dan met al die internetfora over schadelijke straling? Bolte: „Men weet elkaar goed te vinden, ja. Voor wetenschappers is het onmogelijk aan te tonen dat iets níet zal bestaan. Ik kan niet aantonen dat jouw gebouw over één minuut niet zal instorten.”

Freek Schravesande