In balans in voor mensen tot nu toe onvoorstelbare poses

Traditioneel of modern; met of zonder dieren – het is weer tijd voor het circus. Utrecht heeft de leukste clown, Rotterdam de beste jongleur, Amsterdam de knapste acrobaten.

Clown Micha wil zo graag jongleren. Glunderend klimt hij op zijn stoel: een Disney-achtig geval dat eerst teder tegen de clown aanschurkt en hem nu bemoedigend toeknikt. Plechtig haalt Micha een plastic zakje tevoorschijn, en stuurt het langzaam fladderend de lucht in. Triomfantelijk gezicht; applaus van het publiek. Dan pakt hij er nog één, en nog één, tot hij vier, vijf, zes zakjes omhoog houdt in een komisch, slowmotion jongleer-luchtballet. Publiek uitzinnig. Diepe buiging van zowel clown als stoel.

Met Micha heeft Cascade Dance!, het theatrale kerstcircus in de stadsschouwburg Utrecht, van alle circussen de leukste clown in huis. Onder de jongleurs is de concurrentie stevig. Want Cascade heeft weliswaar Picaso Jr., die met zijn mond in moordend mitrailleurtempo vijf pingpongballetjes opvangt en weer uitspuwt, in Carré maakt de Elena Drogleva-groep grote indruk door met vier man en wat kegels een duizelingwekkende kegelregen te creëren.

Dankzij Rejean St. Jules gaat de eer toch naar Ahoy. Deze jongleur beschikt niet alleen over een verbluffende timing en virtuositeit, maar vernieuwt bovendien het genre door met lichtgevende balletjes op een keyboard klassieke, in tempo oplopende liedjes te spelen – hij stuitert de balletjes in elk geval precies op de maat op de juiste toets. Ook voert St. Jules een razend knap, vliegensvlug eenpersoons squashpartijtje op: zonder racket, en met vier ballen.

In Ahoy’ wordt het ondanks ijverige aankleedpogingen maar moeizaam sfeervol, en de begeleidingsband mist met magere uitvoeringen van hedendaagse hits de muzikale nostalgie die voor circus onmisbaar is. Overigens slaat ook Carré hier in een act de plank goed mis, door de groep Bingo uit Oekraïne in MTV-pakjes te laten showdansen op een houseversie van Vivaldi’s Vier Seizoenen.

Maar Ahoy heeft één grote, niet onomstreden, troef: olifanten. Afficheert Cascade zich nadrukkelijk als ‘circus zonder dieren’, de Rotterdamse spreekstalmeester roept opstandig dat dieren „nu eenmaal bij het circus horen”. Het is ontzagwekkend om de beesten zo in de piste te zien. Hebben we het aan Marianne Thieme te danken dat die spanning nu steevast gepaard gaat met een wee gevoel van gêne en meelij? Bij de zeeleeuwen in Carré borrelt het ook al op, hoe grappig ze ook zijn.

De kerstcircussen demonstreren zo oude en nieuwe opvattingen naast elkaar. Cascade is het modernst: daar wordt elke act door aankleding en muziek eerder een variéténummer. Maar ook in Carré wordt volop vernieuwd: met het wat minder geslaagde Bingo, en een fraai aangekleed Cirque du Soleil-achtig luchtballet van het Groot Chinees Staatscircus.

Gelukkig verwordt in Carré nog niet alles tot show. The Alexis Brothers hebben alleen het (gestaalde) lichaam als instrument. Met verbijsterende spierkracht en techniek houden de twee acrobaten elkaar in evenwicht in voor mensen onvoorstelbare poses. Carré bewijst zo dat ook puur menselijk kunnen het publiek ademloos en vol ontzag achterlaat.

Cascade Dance! t/m 30-12, www.stadsschouwburg-utrecht.nl. Wereldkerstcircus Carré, t/m 6-1, www.theatercarre.nl. Ahoy, t/m 30-12, www.kerstcircus.nl