Privacy?

Zwemster Marleen Veldhuis miste door het sportgala bijna een dopingcontrole. Vormen out-of-competition controles een te ernstige inbreuk op de privacy?

Janwillem Soek, onderzoeker Asser Instituut, schreef proefschrift over mensenrechten atleten in dopingzaken: „Probleem is dat sporters toestemming hebben verleend voor out-of-competition controles, ook thuis. Beroepssporters hebben ook geen keus. Maar het is in strijd met het Europees verdrag van de rechten van de mens, waarin staat dat het privéleven geëerbiedigd moet worden. Een overheidsorgaan kan thuis bij iemand binnenvallen. Maar [dopinginstantie] WADA is een private organisatie die dat recht niet heeft. Het systeem drijft op out-of-competition controles, zeggen dopinginstanties dan. Wees creatief en verzin iets anders. Een bloedpaspoort en het periodiek vaststellen van iemands bloedwaarden, is een stuk humaner. Krankzinnig, dat gedoe met Veldhuis [had niet doorgegeven dat ze bij Sportgala was, dopingcontroleurs waren zelfde avond in Eindhoven]. Sporters moeten drie maanden van tevoren hun verblijfplaats opgeven, maar wie weet waar hij over drie maanden is? Ik las dat de Zweedse atlete Klüft al heeft voorgesteld een chip [GPS-systeem] te laten inplanten bij topatleten, om geen dopingcontroles te missen. Dit gaat allemaal veel te ver.”

Herman Ram, algemeen directeur Dopingautoriteit Nederland: „Bij de uitvoering van ons werk proberen we een evenwicht te vinden tussen twee rechten van individuele sporters: het recht op een veilige, schone en eerlijke sport en het recht op privacy. Dat is een dagelijkse worsteling. Voor een effectieve controle is een systeem met het opgeven van whereabouts van sporters noodzakelijk. 24 uur per dag opgeven waar je bent, vinden wij te zwaar. Eén of twee uur per dag heeft onze voorkeur. Dan heb je 22 uur waarin je geen ‘mistest’ kunt oplopen, als je een controle mist. Dat soort zaken is nu nog niet gestandaardiseerd per sport of land. Mocht een bloedpaspoort ooit een goed systeem voor controle zijn, dan is de vraag wat de grootste belasting voor sporters is: het opgeven van je whereabouts of regelmatig bloed laten afnemen. Dat zal voor elke sporter anders zijn.”

Jacob Kohnstamm, voorzitter College Bescherming Persoonsgegevens: „Als ik de berichten lees over het verplicht opgeven door sporters van hunwhereabouts, kan ik een gevoel van irritatie niet onderdrukken. In sommige sporten is doping aan de orde van de dag en is het noodzakelijk maatregelen te treffen. Maar dan komt de vraag van proportionaliteit aan de orde. Is het in verhouding tot het doel dat je nastreeft en is dat doel ook met andere middelen te bereiken?”

Mark Huizinga, judoka: „Veldhuis zou geen probleem moeten krijgen. Ze was niet bezig een controle te ontvluchten door genomineerd te zijn als Sportvrouw van het jaar. Het is goed dat er gecontroleerd wordt, ik heb er geen probleem mee. Sporters zijn allemaal gebaat bij een dopingvrije sport. Iemand die doping wil gebruiken, zou dat slim willen doen. Bijvoorbeeld in periodes van afzondering. Daarom is het verrassingselement van out-of-competition controles zo belangrijk. Zelf heb ik nog geen tien controles per jaar. Zouden het er meer zijn, ook prima. Dat hoort bij het beroep van topsporter. Per sport en per land is er nu veel verschil in de frequentie van controles. Een standaard zou goed zijn. Ik heb nog nooit een lijst met mijn whereabouts hoeven invullen. Ik heb er dus geen ervaring mee en heb weinig te klagen. Maar vanaf 1 januari moet ik ook zo’n lijst invullen. Het lijkt me geen probleem, omdat ik als topsporter een strakke planning heb.”

Michael Boogerd, dit jaar gestopt als profwielrenner: „Dat geval met Veldhuis gaat te ver. Ik vind het belachelijk. Ze wisten toch wel dat ze op het Sportgala was? Amateuristisch van de dopinginstantie. De dopingcontroles vormen een behoorlijke inbreuk op je privacy. Ik vraag me af of het rechtsgeldig is. Ze komen gewoon bij je thuis. Je wordt beperkt in je bewegingsvrijheid. Als je opgegeven hebt dat je dan en dan thuis bent, kun je geeneens de deur uit om een boodschap te doen.”

Jacco Verhaeren, zwemcoach: „Dopingcontroles moeten, daar is geen discussie over mogelijk. Maar het moet wel haalbaar en redelijk zijn om aan alle eisen te voldoen. Het is onmogelijk om altijd maar te moeten aangeven wanneer je waar bent.”