Mannen van tien uitspraken en elf leugens

Willem Holleeder en zijn vrienden hielden van Amsterdam-Zuid. Veel bewoners waren bang voor hem. Die angst is nu weg. Gebleven is het poenerige vastgoedwalhalla.

De barman van café Lexington lacht vriendelijk. Ja, ja, zegt hij, Holleeder was hier vaste gast. Maar de enorme televisie boven de bar gaat niet aan om het vonnis in de rechtzaak tegen de Heineken-ontvoerderrechtstreeks te bekijken. Op de achtergrond klinken kerstliedjes.

Ook de andere cafés en broodjeszaken in Oud-Zuid die Holleeder regelmatig bezocht, laten het vonnis aan zich voorbij gaan. Zoals broodjeszaak Sal Meijer in de Scheldestraat. Hij was ook al gebeld door de televisie, vertelt eigenaar Maurits Blog. Of ze mochten komen in filmen in de zaak. Daar zit Blog niet op te wachten. In de voorraadkast heeft hij wel een kleine televisie aanstaan. Voor zichzelf, want „privé” volgt hij het wel. Blog grijnst. Ik zou zulke mooie verhalen kunnen vertellen, zegt hij. Over de types die bij hem over de vloer kwamen. „Maar dat doe ik niet.”

De brommerclub, werden ze wel genoemd. Willem Holleeder en zijn vrienden, die op hun scooters door Amsterdam-Zuid reden. En ze hadden zo hun vaste adresjes. Een broodje eten bij Sal Meijer, een ijsje likken bij ijssalon Venetië, een slokje drinken bij café het Concertje en een vorkje prikken in restaurant Le Garage. Daar vermengde de top van de Amsterdamse onderwereld zich met vastgoedhandelaren, voetbalvrouwen, dure advocaten en de vaste bezoekers van het Concertgebouw.

Af en toe lag er een lijk op de stoep. Daar raakten de bewoners van Oud-Zuid de afgelopen jaren langzaam aan gewend. Maar de koelbloedige moord op vastgoedhandelaar Willem Endstra in mei 2004 veroorzaakte toch een schok. Ook hier. Hij stond weliswaar bekend als „de bankier van de onderwereld”, maar dat hij als een maffioso zou worden doodgeschoten op de stoep van zijn kantoor? Dat had niemand verwacht. Opeens bleek hoe dicht de boven- en onderwereld tegen elkaar aan zaten. En dat in hun chique buurt.

Maar hoe is dat nu? Wat is er veranderd sinds de dood van Endstra en de arrestatie van zijn afperser Holleeder?

De angst is weg, vertelt Jort Kelder, de oud-hoofdredacteur van zakenblad Quote en kenner van de wereld van het grote geld. Want niemand zei het, maar als Holleeder met zijn zwarte scooter in de straat verscheen, werd het stil. „Mensen waren toch gewoon bang”, zegt Kelder, die momenteel te zien is een televisieprogramma over de PC Hooftstraat. Die angst is weg. Het is rustiger geworden, aldus Kelder, nadat Holleeder in januari vorig jaar werd opgepakt. Zijn de criminelen allemaal weg? „Nee, er staat in cafés in Oud-Zuid soms nog steeds tientallen jaren celstraf rond de toog. Die herkennen we alleen niet.”

Restaurant Spring, maandagmiddag, lunchtijd. De chef-kok komt persoonlijk vertellen wat het lunchmenu is. In dit restaurant kwam wijlen Willem Endstra geregeld eten, waarbij hij altijd een van de duurste wijnen dronk. Een krijtstreeppak is hier de norm. En hard praten, stevig lachen en veel witte wijn. De wc van Spring is een bezienswaardigheid. Goudkleurige muren en handdoekjes naast de design wasbak.

Status, macht en uiterlijk, dat is de vastgoedwereld. Een vrouwelijke makelaar uit Amsterdam omschreef het gedrag van haar mannelijke collega’s in de vele horecagelegenheden in Amsterdam Oud-Zuid ooit als „de lange pikkenparade”. En daar verandert de dood van Endstra en de veroordeling van Holleeder niets aan, stelt een vastgoedhandelaar die de branche goed kent. Hij wil niet bij naam genoemd worden. Mannen van tien uitspraken en elf leugens, zegt hij. „De enige religie die het vastgoed kent, is die van het geld.” Ze maken geen onderscheid naar herkomst, geslacht of religie. Een deal is een deal. „Iedereen wil gewoon zijn zakken vullen, ik ook.”

Dat bleek na de dood van Endstra. Die liet overal in Amsterdam panden na. Die zullen wel moeilijk te verkopen zijn, was de verwachting, die waren besmet. Nee, hoor, zegt de vastgoedhandelaar. „Er zijn gewoon zaken gedaan. Lijkenpikkers.” Na de dood van Endstra verdwenen ook andere handelaren zoals Jan-Dirk Paarlberg en Erik de Vlieger uit het zicht. „Zij werden meegezogen.” Maar nieuwe handelaren nemen hun plaats in. „Ik zie ze nu. De jonge jongens van dertig die in veel te dure auto’s rijden.” Er is een verschil. Nieuwe generatie, nieuwe cafés. „Ze parkeren hun Porsche nu niet meer voor de Lexington, maar bij Sophia.”

De dood van Endstra heeft niet zo veel veranderd, zegt Ewoud Lietaert Peerbolte. Hij gaf een paar jaar geleden zijn advocatenpraktijk op om zelf vastgoedadviseur en belegger te worden. Hij herkent de beschrijving van de jonge, ambitieuze vastgoedhandelaar, die Oud-Zuid nog steeds als het vastgoedwalhalla beschouwt. Maar de meeste mensen wisten al voor de dood van Endstra dat de onderwereld ook actief was in het vastgoed. En dat je daar beter bij uit de buurt kon blijven. Maar, zegt hij, er zullen altijd ambitieuze jongens zijn die daar niet om geven. Voor rainmakers als Endstra die graag aan de rand van de afgrond bloemen plukken, is de handel in vastgoed nog altijd aantrekkelijke business.

‘Bezoek’ alle locaties via de interactieve kaart op nrc.nl/kaartholleeder