‘Ik wil het toeval organiseren’

Peter de Baan regisseert televisiefilms over politiek penibele situaties. Nu over een Oranjeprins die in moeilijkheden komt door de liefde.

Drama maken van de werkelijkheid doet Peter de Baan, toneel- en filmregisseur, al heel lang. Dertig jaar geleden begon hij er mee, in een toneelstuk over de gebroeders Van Doorne, autofabrikanten van Daf. Sinds een aantal jaren regisseert hij de televisiefilms over typisch Nederlandse, politiek penibele situaties. Eerst Retour Den Haag, over de Amsterdamse burgemeester Ed van Thijn. Daarna, aangejaagd door de scenario’s van Ger Beukenkamp, Klem in de draaideur over de val van minister van Justitie Winnie Sorgdrager, en De kroon over prins Willem-Alexander en zijn aanstaande prinses Máxima. Of nee: „Dat ging over de spanning tussen twee ouwe moralisten”, zegt Peter de Baan, „over Max van der Stoel en Jorge Zorreguieta. Máxima en Willem-Alexander stonden ernaast.” Een toekomstig project heet Majesteit, een bioscoopfilm. De Baan: „De kern is een vrouw die geen mens kan zijn dankzij haar positie en die daar bewust voor kiest. Maar dat kan zij net zomin ongestraft doen als King Lear die zijn dochters tegen elkaar opzet. Het breekt je op.”

In De Baans nieuwste regie, uiteraard met een scenario van Beukenkamp, belandt een prins van Oranje in het oog van de storm. De Prins en het Meisje speelt zich af in 2003 en vertelt de stormachtige aanloop naar de verloving van prins Friso, zoon van koningin Beatrix, met Mabel Wisse Smit, Gooise rijkeluisdochter met een verleden en de neiging om daar niet al te duidelijk over te zijn. De inmiddels met een Gouden Kalf bekroonde film insinueert wederzijds opportunisme: Friso’s afkomst verzekert Mabel van de titel van prinses. En dankzij Mabels beschadigde reputatie kan Friso zich ontdoen van de dreiging van het koningschap.

Maar er is meer.

„Ik spring in elke film radicaler met de werkelijkheid om”, zegt De Baan, „en spelenderwijs blijf ik toch dichtbij de realiteit. Het voordeel van een historische gebeurtenis is dat je weinig hoeft uit te leggen. Het nadeel is dat de afloop van je verhaal bekend is. Je moet het spannend houden, de film moet de baas van de werkelijkheid worden. Ger Beukenkamp schrijft strak, ik regisseer los, met afleidende details. Er wordt kwaad beraamd en Friso scheurt met zijn tanden een pak sprits open. Oftewel: er is geen masterplan voor dat kwaad, het overkomt deze mensen.

„En er moet in zo’n film altijd iets zitten dat nog niet algemeen bekend is. In De Prins en het Meisje is dat de nasleep van Mabels affaire met Mohammed Sacirbey [VN-ambassadeur en Bosnisch politicus, red.]. Of Mabel coke snoof, of ze een verhouding had met drugscrimineel Bruinsma, dat kan mij als staatsburger niet schelen en dat is dramatisch oninteressant. Maar ze heeft stelling genomen: ze heeft met Sacirbey gepleit voor het opheffen van het wapenembargo tegen de moslims in Bosnië. Dat raakte een open zenuw in de Nederlandse samenleving. Voor Balkenende was ze daarmee een mogelijke koningin die zich had ingezet voor de moslimzaak. Dat woog veel zwaarder dan die Bruinsma-affaire en voor de film was het een mooie aanleiding om de hypocrisie van de Nederlandse politiek aan te pakken.

‘Mabel is de hoofdpersoon, zoals Martha de hoofdpersoon is van Who’s Afraid of Virginia Woolf. Zij zorgt voor ontwikkelingen, je wilt weten wat zíj gaat doen. Haar leidraad is, bij alle berekening, de liefde. Al geloof je het maar tien seconden, dat is genoeg. Friso maakt de indruk ergens te zijn en er tegelijk niet te zijn. Alles wat hij doet is pose. Willem-Alexander deed óf te joviaal, óf hij zette zulke dooie ogen op dat je dacht, doen die hersens het wel. Hun broer Constantijn beweegt zich het gemakkelijkst, die gedraagt zich constant of hij bij zijn schoonfamilie op visite is. Friso is overbewust.

„Ik wil eigenlijk het toeval organiseren. Dat lukte ditmaal met de slotscène op de pier. Er stond windkracht acht, ze werden bijna weggeblazen en Halina moest een sjaal om haar hoofd. Dat was al mooi. Ik dacht, voer er maar een kottertje uit: iets dat weggaat, maar dat ook op weg is naar iets nieuws. Terwijl Halina en Fedja prachtig acteerden, voer er inderdaad een kotter uit. Ik tikte de cameraman op zijn schouder. Die draaide zijn lens weg van hen beiden, volgde het schip en zwenkte weer terug. De acteurs speelden bevreemd door, want ik heb een afspraak: wat er ook gebeurt, doorgaan. Die vreemde sfeer heb ik kunnen gebruiken. Het verzekerde me van een happy end zonder zoetelijkheid.”

De Prins en het Meisje wordt in twee delen uitgezonden, op 23 en 30 december, Nederland 2, 20.00 u.