Respectloos!

„Uit angst mijn vrijheid te verliezen ben ik vanuit Iran naar Nederland gevlucht. Maar ook hier dreigt gevaar.” De omstreden fotografe Sooreh Hera vertelt over haar motieven en haar leven in Iran.

Deze foto vormt een tweeluik met de foto boven. Hera, Sooreh

Sooreh Hera (34), een kleine vrouw met een zachte stem, is bang. Ze is ondergedoken na bedreigingen – die ze in allerlei talen krijgt toegestuurd per mail en op weblogs – en verhuist voortdurend naar een ander adres. Ze kan niet meer alleen op stap, maar heeft altijd iemand bij zich.

Toch wil de Iraanse fotografe niet toegeven aan de angst: „Als je je artistieke vrijheid behoudt, dan ben je trouw aan jezelf.”

Het is een pittige start voor een pas afgestudeerde fotograaf. De affaire rond haar persoon laaide twee weken geleden in alle hevigheid op. Hera had onder meer foto’s gemaakt van van homo’s die maskers droegen met het gezicht van Mohammed en zijn schoonzoon Ali erop. Wim van Krimpen, directeur van het Haags Gemeentemuseum, weigerde ze voor de expositie 7-up, waar werk te zien zou zijn van zeven afgestudeerde kunstenaars van de Koninklijke Academie in Den Haag. Daarop besloot Hera haar project Adam en Ewald helemaal terug te trekken.

Religie pakt de vrijheid af van mensen, meent Hera. „Ik heb het van dichtbij meegemaakt, het zit in alle hoeken van je leven. Niets durf je meer te zeggen, te schrijven, te maken. Je wordt angstig. Dat is de reden dat ik naar Nederland ben gekomen, maar ook hier dreigt er gevaar. Als de islam in zijn pure vorm wordt beleden, is het een gevaarlijke godsdienst. Het grijpt om zich heen door dreiging in gewelddadige vorm. Dat wil ik niet in een vrij land als Nederland terugzien.”

Zelf is Sooreh Hera geen moslima meer. Als kind heeft ze wel geloofd in de God van haar ouders, maar toen ze in de puberteit kwam heeft ze de keuze gemaakt geen moslima te worden. Ze is een „ongelovige”.

In een van haar projecten, een film over de bouw van een moskee een Amsterdam, interviewde ze bouwvakkers om te laten zien dat zij zich van geen gevaar bewust zijn. „Er zat geen moslim tussen. Het waren christenen en joden die de moskee bouwden. Ze zeiden niet bang te zijn voor de islam. Het ging hen om het werk en het geld. Ze bouwden aan een islamitisch land zonder het te beseffen.”

In Nederland zouden mensen voor hun normen moeten staan en niet zelf de censuur toepassen, door toe te geven aan eventueel beledigde moslims, zoals Van Krimpen deed, vindt Sooreh Hera. „We zijn ons er niet van bewust dat we ons aanpassen door chantage. De Nederlanders moeten zich niet aanpassen. Nederlanders doen alsof ze de moslims begrijpen en vice versa, maar we begrijpen elkaar helemaal niet. Dat doen alsof doodt het debat.”

Zelf wil ze haar werk niet veranderen. „Ik heb er voor gekozen het hard te zeggen. Daar heeft deze maatschappij behoefte aan.” Voorzien Wilders en Verdonk al niet ruimschoots in die behoefte? „Een deel van de moslims willen de vrijheid en de geseculariseerde samenleving niet respecteren. Als kunstenaar, intellectueel of als schrijver moet je de discussie hierover aanwakkeren. Waar ligt de grens van gedrag dat je toestaat, dat is mijn vraag.”

Voor haar project Adam en Ewald fotografeerde ze niet alleen islamitische, maar ook christelijke homo’s – de titel van het project verwijst naar Adam en Eva uit de Bijbel. In Nederland hebben mensen steeds meer moeite met homoseksualiteit, merkt Hera. „Nederland is aan het veranderen door de christelijke regering.” Ze noemt als voorbeeld de weigering van een aantal christelijke ambtenaren om homoseksuele paren te huwen. „De christelijke manier van discrimineren is misschien anders, minder hard, maar wel aanwezig in de samenleving.”

Zeven jaar geleden kwam Sooreh Hera naar Nederland, nadat één van haar poëziebundels niet door de censuur kwam. De bundel ging over een vrouw die erotische gedachten had over heiligen. De titel was De zin om nee te zeggen. In een van de gedichten bedrijft deze vrouw de liefde met God. Ze vraagt zich ook af waarom de vrouw door Mohammed wordt gezien als de toegang naar de hel. „Ik wilde de hypocriete manier waarop in de islam wordt omgegaan met seksualiteit aan de kaak stellen.”

Seksualiteit is ook een thema dat terugkeert in haar fotografie, waarbij ze de achtergestelde positie van de vrouw hekelt. Zo fotografeerde ze Nederlandse vrouwen als seksobject – dat is wat mannen volgens haar van hen maken in deze consumptiemaatschappij. „Deze vrouwen zijn verplicht om mooi te zijn, ze worden als object gezien. Zo is het met de vrouwen in de islam ook. Er zijn moslimvrouwen in Iran die door hun mannen verplicht plastische chirurgie ondergaan. Ze worden tot mooie objecten gemaakt. Respectloos.”

Sooreh Hera groeide begin jaren tachtig op in een Iran waar de inwoners redelijk vrij waren. Maar het bewind is met de jaren strenger geworden. Haar familie woont er nu nog. Ze kan de samenstelling van haar familie niet noemen, net zomin als haar echte naam, want de gevolgen kan ze niet overzien. Zelf wordt ze door haar familie veroordeeld over haar werk. Ze maakt er een grap over. „De bedreigers van hier hoeven niet bang te zijn, want als mijn familieleden zouden kunnen, zouden ze me zelf onthoofden.”

In Teheran deed Hera de masteropleiding grafische vormgeving. Er werd veel over vorm en compositie gediscussieerd. „In Nederland heb ik geleerd om vanuit een idee te werken en er dan pas een vorm bij te bedenken. Je mening verbeelden is iets anders dan een mooi beeld maken. Toen ik hier kwam was ik geïntrigeerd door de Nederlandse manier van communicatie, zoals reclame op televisie – dat prikkelde me. Met mijn beelden probeer ik ook te prikkelen en discussie los te maken.”

Het Iraanse gevoel voor schoonheid en de Nederlandse voorkeur voor statements hebben zich in Sooreh Hera’s werk vermengd. Haar werk heeft een documentair karakter. Ze doet eerst veel onderzoek naar haar onderwerp, praat met mensen en maakt vervolgens beelden met een geënsceneerd karakter. Guus Rijven, docent en begeleider van haar eindexamen, vindt dat ze een goede balans heeft weten te vinden tussen afbeelding en verbeelding. „In haar eerdere werk gebruikte ze collage-achtige technieken, later ging ze ensceneren. Het gaat in de kunst niet over de afbeelding, zoals in de journalistiek, maar over de verbeelding van een mening. Zo moet je haar werk ook beoordelen. Adam en Ewald is dus geen journalistiek beeld, het pretendeert niet dé waarheid te zijn, maar de waarheid van Sooreh Hera.”

Op dit moment denkt Sooreh erover haar autobiografie te schrijven. „Schrijven is mijn grootste liefde.” Het boek zou moeten gaan over haar kindertijd, het opgroeien in Iran en haar omgang met de islam, maar feit en fictie moeten door elkaar lopen. Daarnaast wil ze haar film over de bouw van de moskee uitbrengen. Nu kan dat nog niet, denkt ze.

Bovendien zou ze graag verder willen met Adam en Ewald, waar ze portretten van transseksuelen aan wil toevoegen. Maar van fotografen komt het in deze periode niet. „Als fotograaf moet je tussen de mensen zijn. Het is vreselijk dat die mogelijkheid me wordt ontnomen.”