NAM gaat weer olie winnen in Drenthe

De Nederlandse Aardolie Maatschappij (NAM) gaat opnieuw olie winnen in Schoonebeek. Energie Beheer Nederland, een investeringsvehikel van de Nederlandse staat, neemt een belang van 40 procent in het project.

Dat heeft de NAM gisteren bekendgemaakt. Vanaf 2010 moeten de eerste pompen in werking zijn. In totaal worden 70 putten geslagen op 18 verschillende locaties. Over een periode van ongeveer 25 jaar moeten die tussen de 100 en 120 miljoen vaten olie produceren. Hoeveel geld er met de investering is gemoeid, is niet gezegd.

In eerdere berichten zei de NAM dat de investeringskosten konden oplopen tot 350 miljoen euro. Volgens een woordvoerder zouden die gegevens echter „verouderd” zijn en moest rekening worden gehouden met meer. Het olieveld in Drenthe is een van de grootste velden van Europa. Tussen 1948 en 1996 haalde de NAM – dat voor 50 procent in handen is van oliemaatschappij Shell en voor 50 procent eigendom van ExxonMobil – een kwart van de miljard vaten die het veld herbergt uit de grond. Daarna moest het bedrijf de winning staken omdat die niet langer rendabel was. Bij de lage olieprijs van toen kon de stroperige en daardoor moeilijk winbare olie niet winstgevend meer geproduceerd worden.

Met nieuwe technieken – hoogrendementspompen die onder druk stoom in de olievelden pompen om de olie vloeibaarder te maken – en een olieprijs die richting de 100 dollar per vat beweegt, wordt de winning weer rendabel. De bekende ja-knikkers, die jarenlang het Drentse landschap sierden, zullen daardoor niet meer terugkeren.

Voor de bouw van de installaties heeft de NAM de intentie uitgesproken een consortium van industriële bedrijven, waaronder Visser & Smit Hanab, Stork en Yokogawa, in te schakelen. De geproduceerde olie zal verwerkt worden in een Duitse raffinaderij in Lingen.

Schoonebeek: pagina 15