Muziek in de mangel

Zoals een schilderij wordt begrensd door de lijst en een ouderwets boek in een kaft is gevat, zo worden het begin en het einde van een muziekstuk gemarkeerd door twee ogenblikken van stilte. Dat wordt duidelijk bij een concert. De dirigent heft zijn stokje, het publiek houdt de adem in. De laatste noot klinkt, het is doodstil en dan klinkt er applaus of gesis.

Het kan ook anders. Een schilderij wordt van een prachtig met krullen en lovertjes versierde lijst voorzien, om het werk nog mooier te maken dan het al was. Het toppunt wordt bereikt als het publiek zegt: Wat een prachtige lijst, en zich niet meer interesseert voor de voorstelling.

Hoe staat het met de muziek? Ik bedoel nu de muziek die we klassiek noemen. In het Concertgebouw is er geen verschil. En dan hebben we de radio, waarvan het succes al jaren wordt afgemeten aan de luisterdichtheid. De omroepen zijn van mening dat er meer luisteraars worden gelokt als er een mooie lijst om de muziek wordt gezet. Zijn er te weinig luisteraars, dan blijven de adverteerders weg en dan hebben we helemaal geen klassieke muziek meer. De commerciële spotjes vormen een omraming van geschreeuwde of gelispelde platitudes. Stop je vingers in je oren.

Nu de omlijsting die er door de omroepen aan wordt toegevoegd. Van zeven tot negen ’s ochtends het programma Viertact met de filemeldingen. De moderne filemelder maakt er iets van, geeft filecollege. Dan komt er weer mooie muziek.

Het wordt negen uur. Nieuws. Na de laatste commercial hoor je wat gepingel, de nieuwste introductie, en dan begint het programma De klassieken met Maartje van Weegen. Over haar niets kwaads, ze doet datgene waarvoor ze is aangenomen, ze zit in een ‘format’. Voor we aan de muziek toekomen, vertelt ze door welke romantische of tragische verwikkelingen de componist juist dit stuk heeft geschreven en op welke leeftijd en dat het toen bitter koud was, of juist niet. Dat doet ze allemaal op een toon alsof ze een gezelschap obstinate bejaarden moet kalmeren. En dan, verdomd, klinken de eerste tonen.

Tussen negen en twaalf word je ook nog verteld wat er honderd jaar geleden gebeurde, krijg je een stukje ‘Sopera’ – dat is een opera in dagelijkse afleveringen – een verzoeknummer ‘uit het muzikale hart van een Bekende Nederlander’, en nog een verzoeknummer, de Aubade. Na twaalven eerst een uur raadseltjes, prijsvraagje, geweldige lol en dan komt het middagconcert. Nu, aan het einde van het jaar, gaan we de cd’s van het jaar kiezen en komt er een Radio Vierdaagse waarin u uw eigen bijzondere belevenissen kunt vertellen. Op RadioVier wordt de klassieke muziek langzaam verdronken in een lijst van wetenswaardigheidjes en pret. Daar is niets meer aan te doen.